Ruimtemeesters

Milieu

Stikstof, MBA's, afvalstoffen, mestfraude, Tata Steel, EVOA, klimaatzaken — de volledige milieuportefeuille, ook strafrechtelijk en Europees waar relevant.

Aantal in feed
29
Top score
1.00
Gem. score
0.68
Drempel
0.3
hoge band
  1. 01
    Expertteam Milieu·College van Beroep voor het bedrijfsleven·11 aug 2026sterk

    ECLI:NL:CBB:2026:367 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 11-08-2026 / 25/630

    Toelating gewasbeschermingsmiddel Dagonis. Hormoonverstorende eigenschappen. Omvang van het geding. Het College oordeelt dat het Ctgb terecht tot de conclusie is gekomen dat de werkzame stof in Dagonis (difenoconazool) niet hormoonverstorend is voor de mens en dus kon worden toegelaten.

    ECLI:NL:CBB:2026:367· Bestuursrecht
  2. 02
    Expertteam Milieu·College van Beroep voor het bedrijfsleven·11 aug 2026sterk

    ECLI:NL:CBB:2026:370 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 11-08-2026 / 25/721

    Toelating gewasbeschermingsmiddel Pitcher. Hormoonverstorende eigenschappen voor mens en niet-doelwit organismen. Omvang van het geding. De werkzame stof fludioxonil heeft hormoonontregelende eigenschappen. Deze werkzame stof mag volgens punt 3.6.5 van bijlage II bij Verordening 1107/2009 alleen worden gebruikt in gesloten systemen of in andere omstandigheden die contact met mensen uitsluiten. Omdat Pitcher zo niet wordt gebruikt, had het Ctgb het niet mogen toelaten. Het Ctgb moet er daarom voor zorgen dat Pitcher zo snel mogelijk uit de handel wordt genomen.

    ECLI:NL:CBB:2026:370· Bestuursrecht
  3. 03
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4484 Raad van State , 05-08-2026 / 202400949/1/R3

    Bij besluit van 22 december 2023 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan Zand & Schelpenwinning Waddenzee B.V. een ontgrondingsvergunning verleend voor het winnen van 16.000 m3 schelpen per kalenderjaar uit de Waddenzee en Noordzeekustzone voor de periode tot en met 31 december 2025. De Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten zijn het niet eens met de verlening van deze vergunning. Zij betogen dat er gelet op onderdeel C16.2 uit de bijlage behorende bij het Besluit mer ten onrechte geen milieueffectrapport is opgesteld. Volgens hen is de in totaal vergunde winningshoeveelheid van 160.000 m3 schelpen, waarvan de aan Zand & Schelpenwinning Waddenzee B.V. vergunde winningshoeveelheid van 16.000 m3 onderdeel uitmaakt, te hoog, zodat de ontgrondingsvergunning is verleend in strijd met artikel 3 van de Beleidsregels ontgrondingen in rijkswateren 2022 (beleidsregels) en met het uitgangspunt uit paragraaf 3.2, onder m, van de PKB Derde Nota Waddenzee van januari 2007 (Derde Nota Waddenzee) dat niet meer mag worden gewonnen dan het langjarig gemiddelde van de natuurlijke netto schelpkalkproductie.

    ECLI:NL:RVS:2026:4484· Bestuursrecht
  4. 04
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4487 Raad van State , 05-08-2026 / 202400952/1/R3

    Bij besluit van 22 december 2023 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan Testamare Holding B.V. een ontgrondingsvergunning verleend voor het winnen van 48.000 m3 schelpen per kalenderjaar uit de Waddenzee en Noordzeekustzone voor de periode tot en met 31 december 2025. De Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten betogen dat er gelet op onderdeel C16.2 uit de bijlage behorende bij het Besluit mer ten onrechte geen milieueffectrapport is opgesteld. Volgens hen is de in totaal vergunde winningshoeveelheid van 160.000 m3 schelpen, waarvan de aan Testamare Holding B.V. vergunde winningshoeveelheid van 48.000 m3 onderdeel uitmaakt, te hoog, zodat de ontgrondingsvergunning is verleend in strijd met artikel 3 van de Beleidsregels ontgrondingen in rijkswateren 2022 (beleidsregels) en met het uitgangspunt uit paragraaf 3.2, onder m, van de PKB Derde Nota Waddenzee van januari 2007 (Derde Nota Waddenzee) dat niet meer mag worden gewonnen dan het langjarig gemiddelde van de natuurlijke netto schelpkalkproductie.

    ECLI:NL:RVS:2026:4487· Bestuursrecht
  5. 05
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4568 Raad van State , 05-08-2026 / 202305275/1/R1

    Bij besluit van 4 juli 2023 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat, voor zover in deze zaak van belang, het saneringsplan "Rijkswegen West-Nederland Noord A7, A8, N9, A10" vastgesteld en een aantal geluidproductieplafonds verlaagd. Op grond van artikel 11.19 van de Wet milieubeheer bevinden zich langs rijkswegen referentiepunten waar, voor het geluid van het verkeer op de weg, geluidproductieplafonds gelden. De beheerder van de weg draagt ingevolge artikel 11.20 van de Wet milieubeheer zorg voor naleving van deze geluidproductieplafonds. Met de geluidproductieplafonds worden in de omgeving van de referentiepunten gelegen woningen en andere geluidsgevoelige objecten beschermd tegen geluidsbelasting vanwege de weg. [appellant A] en anderen, [appellant B] en [appellant C] wonen in Zuidoostbeemster, aan weerszijden van het hiervoor genoemde stuk van de A7. Zij ervaren geluidsoverlast van deze rijksweg. Zij vinden de saneringsmaatregel niet toereikend om hun woningen te beschermen tegen geluidsoverlast. Ook vinden zij dat zij te lang zullen moeten wachten op de uitvoering van die maatregel. Bovendien is volgens hen onzeker of het project A7/A8 Amsterdam-Hoorn zal doorgaan.

    ECLI:NL:RVS:2026:4568· Bestuursrecht
  6. 06
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4569 Raad van State , 05-08-2026 / 202104300/1/R2

    Bij besluit van 26 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Landerd het verzoek om een in twee fasen verleende omgevingsvergunning voor de activiteiten milieu en bouwen ten behoeve van het oprichten van een varkenshouderij aan de [locatie] in Zeeland (de varkenshouderij) in te trekken of te wijzigen, afgewezen. Deze zaak draait om een verzoek om de eerder verleende omgevingsvergunning van de varkenshouderij in te trekken of te wijzigen. [appellant A] is de exploitant van de varkenshouderij en maakt daarbij gebruik van een combiluchtwasser. Uit een onderzoek van de Wageningen University & Research (WUR) uit 2018 is gebleken dat combiluchtwassers een veel lager geurreductiepercentage hebben dan eerst werd aangenomen. Naar aanleiding van dit onderzoek is de Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv) gewijzigd. Het geurreductiepercentage van de combiluchtwasser BWL 2009.12.V4 is verlaagd van 85% naar 45% en de bijbehorende geuremissiefactoren zijn verhoogd. Het college is ervan uitgegaan dat op twee adressen in de directe omgeving van de varkenshouderij een geurbelasting zal optreden van meer dan 30 odour units per m3 (Ou/m3) (berekend met het toen geldige model V-stacks 2010). Volgens de verzoekers moet de omgevingsvergunning van de varkenshouderij worden ingetrokken of gewijzigd, omdat deze hoge geurbelasting een ontoelaatbaar milieugevolg is.

    ECLI:NL:RVS:2026:4569· Bestuursrecht / Bestuursrecht; Omgevingsrecht
  7. 07
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4601 Raad van State , 05-08-2026 / 202102888/1/R4

    Bij besluit van 31 maart 2020 heeft de minister voor Milieu en Wonen aan [appellante] een last onder dwangsom opgelegd voor het in strijd met artikel 10.60, tweede lid, van de Wet milieubeheer, in samenhang met artikel 2, onder 35, van de Verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen (PB 2006 L 190/1; EVOA) zonder schriftelijke kennisgeving en toestemming overbrengen van partijen grond van Nederland naar Duitsland. [appellante] is sinds mei 2019 exploitant en eigenaar van een groeve in Havert, net over de grens in Duitsland. Uit de groeve wordt zand en grind gewonnen en de daardoor ontstane ruimte wordt vervolgens weer opgevuld met partijen grond die [appellante] ophaalt bij derden in Nederland. [appellante] betoogt dat zij artikel 10.60, tweede lid, van de Wet milieubeheer, in samenhang met artikel 2, onder 35, van de EVOA, niet heeft overtreden.

    ECLI:NL:RVS:2026:4601· Bestuursrecht
  8. 08
    Expertteam Milieu·Raad van State·12 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4741 Raad van State , 12-08-2026 / 202302533/1/R4

    Bij besluit van 31 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Goeree-Overflakkee aan [appellante] twee lasten onder dwangsom opgelegd vanwege het overtreden van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). [appellante] exploiteert een landbouwbedrijf aan de [locatie] in Dirksland. Aannemingsbedrijf [naam bedrijf] voerde eind 2019 wegwerkzaamheden uit aan het tracé van de provinciale weg N215 tussen Dirksland en Melissant. [bedrijf] gebruikte het landbouwperceel - met toestemming van [appellante] - om vrijgekomen materialen van de wegwerkzaamheden op te slaan. Naar aanleiding van een klacht constateerden toezichthouders van de gemeente dat op het landbouwperceel asfaltschollen en funderingsmateriaal waren opgeslagen. Volgens het verslag van de toezichthouders gaat het om meer dan 45.000 m3 aan bouw- en sloopafval, terwijl [appellante] niet beschikt over de vereiste vergunning om dit te mogen opslaan op haar landbouwperceel.

    ECLI:NL:RVS:2026:4741· Bestuursrecht
  9. 09
    Expertteam Milieu·College van Beroep voor het bedrijfsleven·11 aug 2026sterk

    ECLI:NL:CBB:2026:364 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 11-08-2026 / 24/544 en 25/559

    Boete en intrekking derogatievergunning vanwege overschrijding gebruiksnormen. Geen strijd met vertrouwensbeginsel, mondelinge toezegging niet aannemelijk gemaakt. Diercategorieën juist bepaald. Hoogte boete evenredig. Intrekking derogatievergunning evenredig.

    ECLI:NL:CBB:2026:364· Bestuursrecht
  10. 10
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4485 Raad van State , 05-08-2026 / 202400950/1/R3

    Bij besluit van 22 december 2023 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan Zand- & Grinthandel Van Ouwerkerk B.V. een ontgrondingsvergunning verleend voor het winnen van 64.000 m3 schelpen per kalenderjaar uit de Waddenzee en Noordzeekustzone voor de periode tot en met 31 december 2025. De Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten betogen dat er gelet op onderdeel C16.2 uit de bijlage behorende bij het Besluit mer ten onrechte geen milieueffectrapport is opgesteld. Volgens hen is de in totaal vergunde winningshoeveelheid van 160.000 m3 schelpen, waarvan de aan Zand- & Grinthandel Van Ouwerkerk B.V. vergunde winningshoeveelheid van 64.000 m3 onderdeel uitmaakt, te hoog, zodat de ontgrondingsvergunning is verleend in strijd met artikel 3 van de Beleidsregels ontgrondingen in rijkswateren 2022 (beleidsregels) en met het uitgangspunt uit paragraaf 3.2, onder m, van de PKB Derde Nota Waddenzee van januari 2007 (Derde Nota Waddenzee) dat niet meer mag worden gewonnen dan het langjarig gemiddelde van de natuurlijke netto schelpkalkproductie.

    ECLI:NL:RVS:2026:4485· Bestuursrecht
  11. 11
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4486 Raad van State , 05-08-2026 / 202400951/1/R3

    Bij besluit van 22 december 2023 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan Visserijbedrijf Rousant B.V. een ontgrondingsvergunning verleend voor het winnen van 32.000 m3 schelpen per kalenderjaar uit de Waddenzee en Noordzeekustzone voor de periode tot en met 31 december 2025. De Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten betogen dat er gelet op onderdeel C16.2 uit de bijlage behorende bij het Besluit mer ten onrechte geen milieueffectrapport is opgesteld. Volgens hen is de in totaal vergunde winningshoeveelheid van 160.000 m3 schelpen, waarvan de aan Visserijbedrijf Rousant B.V. vergunde winningshoeveelheid van 32.000 m3 onderdeel uitmaakt, te hoog, zodat de ontgrondingsvergunning is verleend in strijd met artikel 3 van de Beleidsregels ontgrondingen in rijkswateren 2022 (beleidsregels) en met het uitgangspunt uit paragraaf 3.2, onder m, van de PKB Derde Nota Waddenzee van januari 2007 (Derde Nota Waddenzee) dat niet meer mag worden gewonnen dan het langjarig gemiddelde van de natuurlijke netto schelpkalkproductie.

    ECLI:NL:RVS:2026:4486· Bestuursrecht
  12. 12
    Expertteam Milieu·Raad van State·12 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4731 Raad van State , 12-08-2026 / 202503681/1/R2

    Bij besluit van 6 december 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Deurne aan [belanghebbende A] en [belanghebbende B] medegedeeld dat van rechtswege een omgevingsvergunning is gegeven voor het bouwen van een trainingsruimte voor paarden aan de [locatie 1] in Liessel. [appellant] woont aan de [locatie 2] in Liessel tegenover het perceel waarvoor de omgevingsvergunning is verleend. Weijers is het niet eens met deze vergunning, omdat hij vreest voor geuroverlast door het gebruik van de trainingsruimte voor paarden. Het geschil is beperkt tot de vraag of de trainingsruimte moet worden aangemerkt als dierenverblijf. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat niet aannemelijk is geworden dat de trainingsruimte zodanig wordt gebruikt dat sprake is van een dierenverblijf in de zin van artikel 1 van de Wet geurhinder en veehouderij. Volgens [appellant] is de trainingsruimte voor paarden wel aan te merken als dierenverblijf en is deze binnen de in artikel 3.5.1, onder g, van het wijzigingsplan "[locatie 1], Liessel" gestelde afstand op het bouwvlak voorzien, waardoor de omgevingsvergunning in strijd is met het wijzigingsplan.

    ECLI:NL:RVS:2026:4731· Bestuursrecht; Omgevingsrecht
  13. 13
    Expertteam Milieu·Rechtbank Gelderland·10 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RBGEL:2026:6364 Rechtbank Gelderland , 10-08-2026 / ARN 26/3649

    Verzoek om een voorlopige voorziening tegen de aan vergunninghouder verleende evenementenvergunning voor het Openlucht Filmfestival 2026. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening in deze uitspraak af. Het bezwaar van de stichting heeft namelijk geen redelijke kans van slagen, omdat de burgemeester de eventuele gevolgen van het evenement voor de natuur niet kan en mag betrekken bij de afweging of hij al dan niet de gevraagde evenementenvergunning verleent.

    ECLI:NL:RBGEL:2026:6364· Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
  14. 14
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4577 Raad van State , 05-08-2026 / 202203982/1/R4

    Bij besluit van 24 juli 2018 heeft de staatssecretaris aan Hoogweg Aardwarmte een omgevingsvergunning verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting of mijnbouwwerk als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Bij besluit van 21 april 2021 heeft de staatssecretaris aan Hoogweg Aardwarmte een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een bouwwerk, het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan en het veranderen of veranderen van de werking en het in werking hebben van een inrichting of mijnbouwwerk als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, c en e, van de Wabo. Bij besluit van 31 mei 2021 heeft de staatssecretaris aan Hoogweg Aardwarmte een omgevingsvergunning verleend waarbij de omgevingsvergunning van 24 juli 2018 is gewijzigd. Bij besluit van 31 mei 2021 heeft de staatssecretaris aan Hoogweg Aardwarmte een omgevingsvergunning verleend waarbij de omgevingsvergunning van 24 juli 2018 is gewijzigd. Tegen de besluiten van de staatssecretaris van 24 juli 2018 en 21 april 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Overijssel (college) beroepen ingesteld.

    ECLI:NL:RVS:2026:4577· Bestuursrecht; Omgevingsrecht
  15. 15
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4587 Raad van State , 05-08-2026 / 202500987/1/R3, 202500992/1/R3, 202500994/1/R3 en 202500997/1/R3

    Bij besluiten van 10 juli 2024 heeft het college ten behoeve van de bestemmingsplannen "Spoorweglaan Best" en "Spoorweglaan - Vogelkers" hogere grenswaarden als bedoeld in artikel 110a van de Wet geluidhinder vastgesteld. Het bestemmingsplan "Spoorweglaan Best" maakt de bouw van maximaal 25 appartementen mogelijk, verdeeld over twee aaneengesloten gebouwen. Het bestemmingsplan "Spoorweglaan - Vogelkers" maakt de bouw van 24 appartementen, 9 geschakelde patiowoningen en 2 vrijstaande woningen mogelijk en een bestaande bedrijfswoning wordt herbestemd. [appellant sub 1] woont aan de [locatie 1]. [appellant sub 2] woont aan de [locatie 2]. [appellanten sub 3] wonen aan de [locatie 3]. Deze percelen liggen direct naast de gronden waarop het bestemmingsplan "Spoorweglaan - Vogelkers" betrekking heeft. Zij zijn het niet eens met beide bestemmingsplannen, met name omdat zij vrezen dat hun woon- en leefklimaat wordt aangetast.

    ECLI:NL:RVS:2026:4587· Bestuursrecht
  16. 16
    Expertteam Milieu·College van Beroep voor het bedrijfsleven·11 aug 2026sterk

    ECLI:NL:CBB:2026:371 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 11-08-2026 / 25/77

    Beroep gegrond omdat de minister de motivering in het bestreden besluit niet langer handhaaft. Aangezien de minister de subsidieaanvraag van de onderneming terecht heeft afgewezen omdat niet is voldaan aan de vijfjaarseis, laat het College de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit in stand. De afwijzing van de subsidieaanvraag blijft dus in stand.

    ECLI:NL:CBB:2026:371· Bestuursrecht
  17. 17
    Expertteam Milieu·Rechtbank Oost-Brabant·7 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RBOBR:2026:5603 Rechtbank Oost-Brabant , 07-08-2026 / 26/1851

    Voorlopige voorziening hangende bezwaar. Buitenplanse omgevingsplanactiviteit, namelijk de verhoging van een erfafscheiding met een geluidsscherm. Toewijzing voorlopige voorziening omdat buiten de aanvraag is getreden en omdat onduidelijk is of het gebruik van perceel dat door het geluidsscherm mogelijk zou moeten worden gemaakt, wel plaats kan vinden. Samenhang met (ECLI:NL:RBOBR:2026:5624).

    ECLI:NL:RBOBR:2026:5603· Bestuursrecht; Omgevingsrecht
  18. 18
    Expertteam Milieu·Rechtbank Oost-Brabant·7 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RBOBR:2026:5624 Rechtbank Oost-Brabant , 07-08-2026 / SHE 26/789 en 26/995

    Afwijking van het bestemmingsplan en exploitatievergunning. Openstelling van hotel-restaurant voor niet-hotelgasten en geluidsoverlast van restaurantbezoekers op buitenterras. Wijze van berekenen geluidsbelasting bij meervoudige reflecties.

    ECLI:NL:RBOBR:2026:5624· Bestuursrecht; Omgevingsrecht
  19. 19
    Expertteam Milieu·Raad van State·12 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4538 Raad van State , 12-08-2026 / 202205285/1/R3

    Bij besluit van 3 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Doetinchem een omgevingsvergunning verleend aan Hotel Doetinchem-Achterhoek Beheer B.V. voor het bouwen van een hotel op de hoek van de Kilderseweg/Europaweg in Doetinchem en het maken van een uitweg. Het college heeft een vergunning verleend voor het bouwen van een hotel op de hoek van de Kilderseweg/Europaweg in Doetinchem en het maken van een uitweg. [appellant] woont aan de [locatie 1] in Doetinchem op ongeveer 165 m van de grens van het projectgebied. De vergunning ziet op de activiteiten bouwen, afwijken van het bestemmingsplan en het aanleggen van een uitweg. Het bouwplan is in strijd met het bestemmingsplan, omdat de gronden daarin een agrarische bestemming hebben waarop horeca niet is toegestaan. Om het bouwplan mogelijk te maken, heeft het college een vergunning verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a en onder 3, van de Wabo en voorbereid met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat met de uitgevoerde akoestische onderzoeken voldoende is onderbouwd dat ter plaatse van zijn woning sprake is van een goed woon- en leefklimaat.

    ECLI:NL:RVS:2026:4538· Bestuursrecht; Omgevingsrecht
  20. 20
    Expertteam Milieu·Raad van State·12 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4539 Raad van State , 12-08-2026 / 202205286/1/R3

    Bij besluit van 3 februari 2021 heeft de raad en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Doetinchem een omgevingsvergunning verleend aan Hotel Doetinchem-Achterhoek Beheer B.V. voor het bouwen van een hotel op de hoek van de Kilderseweg/Europaweg in Doetinchem en het maken van een uitweg. Het college heeft een vergunning verleend voor het bouwen van een hotel op de hoek van de Kilderseweg/Europaweg in Doetinchem en het maken van een uitweg. [appellant A] en [appellant B] wonen aan de [locatie] in Doetinchem op ongeveer 100 m van het te bouwen hotel en op ongeveer 60 m van de toegang. De vergunning ziet op de activiteiten bouwen, afwijken van het bestemmingsplan en het aanleggen van een uitweg. Het bouwplan is in strijd met het bestemmingsplan, omdat de gronden daarin een agrarische bestemming hebben waarop horeca niet was toegestaan. Om het bouwplan mogelijk te maken heeft het college een vergunning verleend met toepassing van een buitenplanse afwijkingsbevoegdheid en voorbereid met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure.

    ECLI:NL:RVS:2026:4539· Bestuursrecht; Omgevingsrecht
  21. 21
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026sterk

    ECLI:NL:RVS:2026:4602 Raad van State , 05-08-2026 / 202402052/1/R1

    Bij besluit van 15 februari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlem hogere waarden vastgesteld voor de geluidsbelasting op de gevels van nieuw te bouwen woningen aan de Toekanweg 7 in Haarlem. Bij besluit van 15 februari 2024 heeft het college een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van 823 appartementen, 218 parkeerplaatsen en ongeveer 5.000 m2 commerciële ruimte aan de Toekanweg 7. Op het perceel stond een kantoorgebouw dat in gebruik was bij Rijkswaterstaat. Schonenvaert is vergunninghouder. Van der Valk exploiteert een hotel op het aangrenzende perceel aan de Toekanweg 2. Zij verzet zich met name tegen het besluit vanwege het ontbreken van een goede oplossing voor het parkeren en de gevolgen van de bouwhoogte voor de waarde en exploitatiemogelijkheden van het hotel. Daarnaast voorziet het bouwplan in ongeveer 5.000 m2 aan commerciële ruimten, wat zij als ongewenste concurrentie beschouwt.

    ECLI:NL:RVS:2026:4602· Bestuursrecht / Bestuursrecht; Omgevingsrecht
  22. 22
    Expertteam Milieu·College van Beroep voor het bedrijfsleven·4 aug 2026relevant

    ECLI:NL:CBB:2026:356 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 04-08-2026 / 24/1113

    GLB 2023. Tussenuitspraak. De minister heeft onvoldoende gemotiveerd waarom het bosje van de maatschap en de aangrenzende houtsingel van Staatsbosbeheer moeten worden beschouwd als één bosgebied. De minister heeft ook onvoldoende gemotiveerd waarom bepaalde percelen van de maatschap samen als één aaneengesloten bosgebied moete worden beschouwd terwijl drie van die percelen struweelachtige kenmerken hebben. Het College draagt de minister op dit gebrek in het bestreden besluit te herstellen.

    ECLI:NL:CBB:2026:356· Bestuursrecht
  23. 23
    Expertteam Milieu·College van Beroep voor het bedrijfsleven·4 aug 2026relevant

    ECLI:NL:CBB:2026:358 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 04-08-2026 / 25/72

    Inhoudsindicatie: GLB 2023. Afwijzing aanvraag extra betaling eco-regeling. De minister heeft de eco-activiteit ‘verlengde weidegang: dag en nacht beweiding’ op de percelen niet meegenomen voor de eco-regeling, omdat de landbouwer geen melkvee houdt en daarmee niet aan de voorwaarden van die eco-activiteit voldoet. Volgens de landbouwer zou de eco-activiteit niet alleen moeten gelden voor de verlengde weidegang van melkvee, maar ook voor de verlengde weidegang van haar vleesvee. Naar het oordeel van het College mocht de regelgever er gelet op de relevante verschillen tussen vleesvee en melkvee voor kiezen de eco-activiteit te beperken tot melkvee. Geen strijdigheid met artikel 9 van Verordening 2021/2115 of het gelijkheidsbeginsel.

    ECLI:NL:CBB:2026:358· Bestuursrecht
  24. 25
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026relevant

    ECLI:NL:RVS:2026:4455 Raad van State , 05-08-2026 / 202301742/1/R1

    BACT B.V. heeft op grond van artikel 8:55f, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) beroep ingesteld tegen het uitblijven van de bekendmaking van een volgens haar van rechtswege gegeven omgevingsvergunning voor de verbouw en uitbreiding van een bestaand gebouw op het perceel Mijnsherenweg 8 in De Kwakel. Op 19 augustus 2022 heeft BACT een omgevingsvergunning aangevraagd voor het verbouwen en uitbreiden van het bestaande gebouw aan de Mijnsherenweg 8 in De Kwakel om daarin een datacenter te realiseren. Het gebouw was voorheen in gebruik als distributiecentrum en groothandel. Het perceel heeft in het bestemmingsplan "Landelijk gebied - Glastuinbouwgebied" de bestemming "Bedrijf". Bij brief van 13 oktober 2022 heeft het college aan BACT medegedeeld dat op haar aanvraag de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing is en dat de beslistermijn in verband daarmee zes maanden bedraagt. BACT heeft op 30 december 2022 beroep ingesteld bij de rechtbank tegen het volgens haar niet tijdig bekendmaken van een van rechtswege gegeven omgevingsvergunning. De rechtbank heeft dat beroep bij uitspraak van 6 februari 2023 gegrond verklaard en heeft het college opgedragen om de van rechtswege gegeven omgevingsvergunning bekend te maken. Het college is het niet eens met deze uitspraak en heeft hiertegen hoger beroep ingesteld.

    ECLI:NL:RVS:2026:4455· Bestuursrecht; Omgevingsrecht
  25. 26
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026relevant

    ECLI:NL:RVS:2026:4588 Raad van State , 05-08-2026 / 202404937/1/R3

    Bij besluit van 12 juni 2024 hebben provinciale staten van Zuid-Holland het inpassingsplan "Warmtelinq Rijswijk - Leiden en aanlandlocatie" (het inpassingsplan) vastgesteld. Dit besluit is met toepassing van de provinciale coördinatieregeling van artikel 3.33, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet ruimtelijke ordening (hierna: de Wro) gecoördineerd voorbereid en bekendgemaakt met andere besluiten, aangeduid als ‘gecoördineerde besluiten’. Bij besluit van 20 juni 2024 van het college is aan WarmtelinQ een omgevingsvergunning verleend voor het tijdelijk herinrichten van een deel van de straten en de omgeving en ook voor het kappen van 211 bomen en het verplanten van 28 bomen ten behoeve van de aanleg van een warmtetransportleiding tussen Rijswijk en Leiden waarvan een deel van het tracé loopt via Den Haag (de omgevingsvergunning). Het inpassingsplan maakt een warmtetransportleiding tussen Rijswijk en Leiden mogelijk. Deze transporteert restwarmte uit de Rotterdamse haven. Het tracé van het inpassingsplan is opgedeeld in vier deelgebieden en heeft een lengte van ongeveer 25 km. De warmtetransportleiding zal bestaan uit twee leidingen. Eén aanvoer- en één retourleiding. [appellant sub 1] woont op de [locatie 2] in Leidschendam. Hij is eigenaar van het [perceel 5b). De voorziene warmtetransportleiding zal het perceel 5b doorkruisen.

    ECLI:NL:RVS:2026:4588· Bestuursrecht
  26. 27
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026relevant

    ECLI:NL:RVS:2026:4605 Raad van State , 05-08-2026 / 202303235/1/R1

    Bij besluit van 21 maart 2023 heeft de raad van de gemeente Peel en Maas het bestemmingsplan "Maasbreeseweg 55 te Helden" gewijzigd vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de uitbreiding van het bedrijventerrein van Panningen mogelijk en biedt planologische ruimte voor diverse bedrijvigheid in de milieucategorieën 1, 2 en 3 op het perceel van een voormalige glastuinbouwlocatie met bedrijfswoning. Het plangebied ligt op de hoek van de Maasbreeseweg en Loo in Helden-Panningen, aangrenzend aan de oostzijde van het bestaande bedrijventerrein "Panningen". De locatie van de vroegere bedrijfswoning van het glastuinbouwbedrijf heeft in het plan een woonbestemming gekregen. Het gedeelte van het plangebied dat een bedrijfsbestemming heeft gekregen, heeft drie bouwvlakken. Initiatiefnemer van de herontwikkeling is [gemachtigde A], die haar bouwbedrijf naar het plangebied heeft verplaatst. De op 21 maart 2023 verleende omgevingsvergunning maakt de bouw van haar bedrijfsgebouw op het meest noordelijk gelegen bouwvlak mogelijk. Dit gebouw is inmiddels in gebruik ten behoeve van het bouwbedrijf.

    ECLI:NL:RVS:2026:4605· Bestuursrecht
  27. 28
    Expertteam Milieu·Raad van State·5 aug 2026relevant

    ECLI:NL:RVS:2026:4608 Raad van State , 05-08-2026 / 202200069/1/R4

    Bij besluit van 25 november 2021 heeft de raad van de gemeente Nijkerk het bestemmingsplan "[locatie A], Nijkerk" (het plan) vastgesteld. Aan de [locatie A] in Nijkerk bevindt zich een agrarisch bouwperceel dat is opgedeeld in twee delen. Op het voorste gedeelte is een agrarisch bedrijf gevestigd, waaraan in het plan opnieuw een agrarische bestemming is toegekend. [bedrijf] exploiteren een houtzagerij en houthandel op het achterste en zuidelijk gelegen gedeelte van het agrarische bouwperceel. De bedrijfsactiviteiten van de houtzagerij en houthandel vinden plaats in een bestaande schuur van 1.250 m2 en gedeeltelijk op het onbebouwde terrein daarbuiten. Met het plan wordt de houtzagerij en houthandel als zodanig bestemd. [appellant sub 2] woont op de [locatie B] in Nijkerk op ongeveer 220 m ten zuidwesten van het plangebied. Hij ervaart overlast van met name geluid van de houtzagerij en houthandel. [appellante sub 1] exploiteert een houthandel op de [locatie C] in Hoevelaken, die op ongeveer 3 kilometer afstand van het plangebied ligt. Beide beroepen zijn alleen gericht tegen het plandeel met de bestemming "Bedrijf - Niet agrarisch". Volgens [appellant sub 2] en [appellante sub 1] hoort de houtzagerij en houthandel niet thuis in het buitengebied maar op een bedrijventerrein.

    ECLI:NL:RVS:2026:4608· Bestuursrecht
  28. 29
    Expertteam Milieu·Raad van State·12 aug 2026relevant

    ECLI:NL:RVS:2026:4735 Raad van State , 12-08-2026 / 202407785/1/R1

    Bij besluit van 28 april 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan Stichting Leger des Heils Welzijns- en Gezondheidszorg een omgevingsvergunning verleend voor het oprichten van een gebouw voor dak- en thuislozenopvang op de locatie Zeeburgerpad 103, 105 en 107 in Amsterdam. Het college heeft bij het in bezwaar gehandhaafde besluit aan de stichting een omgevingsvergunning voor de activiteit "bouwen" als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo verleend voor het oprichten van een gebouw voor de opvang van dak- en thuislozen op de locatie Zeeburgerpad 103, 105 en 107 in Amsterdam. Het bedrijf van [appellanten] houdt zich op het perceel [locatie] met name bezig met het repareren van scheepsmotoren. [appellanten] vreest dat de komst van de dak- en thuislozenopvang leidt tot een belemmering van de bedrijfsvoering van het bedrijf van [appellanten]. Het gebouw voor de opvang van dak- en thuislozen is namelijk voorzien op korte afstand van zijn bedrijf. Vanwege deze korte afstand, vreest [appellanten] dat de dak- en thuislozen in de opvang mogelijk klachten zullen indienen over geluidsoverlast afkomstig van het bedrijf.

    ECLI:NL:RVS:2026:4735· Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Bron: dagelijkse ingest (daily-window-since-2026-08-01, scoring via cursor-auto-v1). Snapshot van 16 aug 2026 — drempel 0.3. Volgorde "Redactioneel" past quota op rechtsgebied + court toe en weegt recente uitspraken iets zwaarder; "Pure score" toont de relevantie-score ongewijzigd.