Jurisprudentie week 50 · 8 dec – 14 december 2025
Een terugblik op de Nederlandse uitspraken van deze week — 13 uitspraken, waarvan 13 duidelijk relevant voor één expertteam (score ≥ 0,15). Bron: corpus3k-2026-04-25, geordend op datum.
TWV-vereiste voor langdurig ingezeten derdelander houdt stand bij rechtbank
Geen uitzondering op TWV-plicht: ook voor langdurig ingezetenen blijft de Wav onverkort van toepassing.
Een derdelander met langdurig ingezetenstatus vroeg een reguliere verblijfsvergunning voor arbeid in loondienst aan, zonder dat zijn werkgever beschikte over een tewerkstellingsvergunning. Rechtbank Den Haag bevestigt dat de IND de aanvraag terecht afwees. Het TWV-vereiste geldt ook voor deze groep en is niet in strijd met het evenredigheidsbeginsel, EU-recht of het gelijkheidsbeginsel. Dit sluit aan op de vaste lijn van de ABRvS sinds 2013. Praktisch: zorg dat de werkgever de TWV-procedure bij UWV tijdig opstart, ook als de werknemer al langdurig in Nederland verblijft. Wachten op de verblijfsvergunningsprocedure is te laat.
Switch naar pottenteelt vraagt locatiespecifiek spuitzone-onderzoek
Wijzig je grondgebruik van grondgebonden naar pottenteelt? Dan moet het college opnieuw onderzoek doen naar de spuitzone.
Een agrariër wil overschakelen van grondgebonden bomenteelt naar pottenteelt. De rechtbank oordeelt dat dit een nieuwe activiteit is — ook al gaat het om hetzelfde perceel. Dat betekent dat het college niet kan volstaan met eerder onderzoek: er is een locatiespecifiek onderzoek nodig naar de spuitzone van 50 meter rondom nabijgelegen woningen. Voor afwijkingsbesluiten in het agrarisch buitengebied geldt dus: controleer bij elke gebruikswijziging of de spuitzonetoets opnieuw moet worden gedaan. Bestaande vergunningen bieden geen dekking voor gewijzigd gebruik.
Hondenschool vergund via oud recht: overgangsregel Omgevingswet bepalend
Aanvraag vóór 1 januari 2024? Dan geldt de Wabo nog — ook als de vergunning later wordt verleend.
Een omwonende vecht een omgevingsvergunning voor een hondenschool aan, maar de rechtbank komt niet toe aan de inhoud: alleen hij heeft tijdig beroep ingesteld, de overige bezwaarmakers vallen af. Inhoudelijk draait de zaak om tijdelijk afwijken van het bestemmingsplan via artikel 2.12 lid 1 sub a onder 2 Wabo, gekoppeld aan bijlage II Bor artikel 4 lid 11. Omdat de aanvraag vóór 1 januari 2024 is ingediend, blijft het oude recht van toepassing op grond van artikel 4.3 Invoeringswet Omgevingswet. Voor de adviespraktijk is dit de concrete wegwijzer: controleer altijd de aanvraagdatum om te bepalen of je toetst aan de Wabo of aan de BOPA-route onder de Omgevingswet.
Papieren verhuurconstructie leidt tot boete en gedeeltelijke huurrestitutie
Verhuurders die zelfstandige studios creëren op papier riskeren zowel een boete als terugbetaling van huur.
Een Amsterdamse verhuurder splitste een woning administratief op in zelfstandige studio's zonder de vereiste omzettingsvergunning van artikel 21 Huisvestingswet. De kantonrechter oordeelde dat dit een 'papieren werkelijkheid' was: de ruimtes waren feitelijk onzelfstandig. Gevolg: een boete van €15.000 én vernietiging van de huurovereenkomst wegens oneerlijke handelspraktijk, met 50% huurrestitutie aan de huurder. Praktisch punt voor het team: de civiele rechter koppelt hier publiekrechtelijke vergunningplicht direct aan privaatrechtelijke huurconsequenties. Controleer bij omzettingsvraagstukken dus altijd of de feitelijke situatie overeenkomt met de administratieve kwalificatie — het verschil is kostbaar.
Onduidelijke cessie voor dagvaarding kost eiser rente en incassokosten
Zorg dat een gecedeerde vordering aantoonbaar helder is vóór dagvaarding — anders verlies je rente en incassokosten.
Een eiser in een stikstof/Natura 2000-gerelateerde zaak slaagde er niet in om vóór de dagvaarding voldoende duidelijkheid te geven over de cessie van de vordering. De rechtbank Den Haag wees daarop de buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente af en liet beide partijen hun eigen proceskosten dragen. Voor het milieuteam is de les praktisch: wie werkt met gecedeerde vorderingen — bijvoorbeeld overgedragen milieuschade-claims — moet de cessie volledig gedocumenteerd hebben vóórdat juridische stappen worden gezet. Nalaten kost geld, ook als de hoofdvordering wordt toegewezen.
Schimmel en vocht rechtvaardigen geen hogere huurkorting dan 30%
Rechter bevestigt Huurcommissie-oordeel: gebrekenboek bepaalt de marge, niet de huurder.
Bij vocht- en schimmelgebreken verlaagde de Huurcommissie de huurprijs met 30%. Zowel verhuurder als huurder stapten naar de kantonrechter — de verhuurder wilde geen korting, de huurder wilde 70%. De rechtbank Gelderland hield de 30% in stand. Praktisch punt: het Gebrekenboek van de Huurcommissie stuurt de uitkomst sterk. Een hogere korting vraagt om aantoonbaar ernstigere gebreken dan vocht en schimmel alleen. Voor het wonen-team is dit een routinebevestiging: de systematiek van artikel 7:207 BW biedt weinig ruimte voor maatwerk buiten de vastgestelde categorieën.
Personeelsplanning is geen buitengewone omstandigheid bij vluchtannulering
Vervoerders kunnen rusttijdenproblemen van eigen personeel niet afwentelen op passagiers als overmacht.
Een luchtvaartmaatschappij annuleerde een vlucht omdat de copiloot wettelijk verplichte rusttijden moest respecteren. De vervoerder claimde buitengewone omstandigheden om compensatie te ontlopen. Rechtbank Noord-Holland wijst dat af: personeelsplanning hoort tot de gewone bedrijfsvoering van een luchtvaartmaatschappij en valt daarmee niet onder de overmachtsuitzondering van de EU-passagiersrechtenverordening. Voor het milieu-expertteam is dit vooral relevant als achtergrondinformatie over hoe rechters de grens trekken tussen inherente bedrijfsrisico's en echte overmacht — een redenering die ook opduikt in milieuhandhavingszaken waar bedrijven operationele tekortkomingen als overmacht presenteren.
Beslag op conferentiehotel blijft staan na jarenlange illegale huisvesting arbeidsmigranten
Onvolledige financiële openheid kan opheffing conservatoir beslag blokkeren — ook in hardnekkige huisvestingsdossiers.
Een conferentiehotel dat jarenlang arbeidsmigranten illegaal huisvestte liep op tegen opgestapelde dwangsommen van €875.000. In het kort geding om opheffing van het conservatoir beslag oordeelde de rechtbank Rotterdam dat de eiseres te weinig inzicht gaf in haar financiële situatie en niet alle relevante feiten op tafel legde. Dat gebrek aan transparantie is fataal: de rechter weegt belangen af, en wie de eigen positie onvoldoende onderbouwt, verliest. Voor handhavingsdossiers met opeenstapelende lasten betekent dit dat beslaglegging een effectief drukmiddel blijft zolang de schuldenaar niet volledig openheid van zaken geeft.
Maatwerkvoorschriften visfuiken sneuvelen op evenredigheid en motivering
Controleer bij elk maatwerkvoorschrift of het gestelde verbod feitelijk onderbouwd én proportioneel is.
De minister legde vissers maatwerkvoorschriften op over het plaatsen van visfuiken, maar kon het gestelde verbod niet aannemelijk maken. De rechtbank toetste scherp: de meldplicht was weliswaar niet nageleefd door meerdere vissers, maar van noemenswaardige incidenten was geen sprake, de vispassage was nog niet aangelegd en de onderbouwing schoot tekort. Resultaat: de voorschriften houden geen stand op de evenredigheidstoets. Voor het expertteam is dit een bruikbaar ijkpunt — ook bij handhavingsachtige maatwerkvoorschriften buiten de Wabo geldt: zorgvuldig feitenonderzoek en expliciete motivering van noodzaak en proportionaliteit zijn geen formaliteit, maar de kern van de zaak.
Zachte plancapaciteit telt niet mee bij laddertoets sociale huur
Bij het aantonen van woningbehoefte mag je zachte plannen buiten beschouwing laten — ook in een regio met veel papieren plannen.
De Raad van State bevestigt dat een gemeente bij de laddertoets geen rekening hoeft te houden met zachte plancapaciteit — plannen die nog niet onherroepelijk zijn. Voor dit plan van elf sociale huurwoningen in Steenwijkerland volstond het aantonen van behoefte aan sociale huur in de regio; concurrerende plannen zonder rechtskracht mogen daarbij worden genegeerd. Geen nieuwe leer, maar een heldere recente bevestiging. Voor woningbouwjuristen betekent dit: onderbouw behoefte op basis van harde plancapaciteit, en documenteer expliciet waarom zachte plannen buiten de vergelijking blijven.
Vrijspraak voor poging tot doodslag in het uitgaansleven, geen aanmerkelijke kans op de dood na het met de voet eenmaal schoppen tegen het hoofd van het slachtoffer.
milieu-relevant (tata); feitelijke toepassing
Rechtbank Oost-Brabant, 9 dec 2025 — ECLI:NL:RBOBR:2025:8060. Vrijspraak voor poging tot doodslag in het uitgaansleven, geen aanmerkelijke kans op de dood na het met de voet eenmaal schoppen tegen het hoofd van het slachtoffer. Veroordeling voor poging tot zware mishandeling. Noodweerverweer verworpen, de noodweersituatie was geëindigd ten tijde van het schoppen tegen het hoofd. Veroordeling tot 240 uren taakstraf, met aftrek van het voorarrest. Meerdere strafverminderende omstandigheden. Relevantie: milieu-relevant (tata); feitelijke toepassing
Sloopvergunning beschermd stadsgezicht treedt vier weken later in werking
Koppel uitgestelde inwerkingtreding niet aan de inhoudelijke vraag of sloop schade toebrengt aan het beschermd stadsgezicht.
Verleent het college een omgevingsvergunning voor slopen in een beschermd stadsgezicht, dan geldt de uitgestelde inwerkingtreding van artikel 16.79 lid 2 Ow. Die vier weken wachttijd hangt niet af van de vraag of het te slopen gebouw zelf cultuurhistorische waarde heeft of dat de sloop het stadsgezicht schaadt. Bepalend is uitsluitend of de toepasselijke planregels strekken tot bescherming van de bestaande toestand — en dat doen ze bij een beschermd stadsgezicht per definitie. Controleer bij omgevingsplanactiviteiten in beschermde gebieden dus altijd eerst of artikel 16.79 lid 2 van toepassing is, vóórdat u inhoudelijk oordeelt over de gevolgen van de activiteit.
Motiveringsgebrek bij weigering supermarktvergunning: parkeerregels onvoldoende toegepast
Koppel parkeerregels in het omgevingsplan altijd expliciet aan beleidsregels én NEN-norm, anders sneuvelt je besluit.
Rechtbank Overijssel vernietigde de weigering van een omgevingsvergunning voor een supermarkt met parkeergarage omdat de gemeente onvoldoende uitlegde hoe de parkeerregels uit het omgevingsplan — een Chw-bestemmingsplan in de transitiefase — waren toegepast. De koppeling tussen de planregels, de gemeentelijke beleidsregels voor parkeren en de NEN-norm bleef in het besluit onderbelicht. Voor het omgevingsplan-team betekent dit: controleer bij weigeringen altijd of de motivering stap voor stap de keten van planregel → beleidsregel → rekennorm doorloopt. Ontbreekt één schakel, dan is het besluit kwetsbaar — ook als de weigering inhoudelijk verdedigbaar is.
