Ruimtemeesters
Nummer 0188 februari 2026

Jurisprudentie week 06 · 2 feb – 8 februari 2026

Een terugblik op de Nederlandse uitspraken van deze week — 5 uitspraken, waarvan 5 duidelijk relevant voor één expertteam (score ≥ 0,15). Bron: corpus3k-2026-04-25, geordend op datum.

Editie: Alle edities5 van 5 artikelen zichtbaar voor jouw team

Voorlopige voorziening dierzorgcentrum afgewezen: vergunningen voldoende gemotiveerd

Kennisgeving en motivering kloppen: een bezwaar alleen is geen reden om de bouw stil te leggen.

Een omwonende vroeg de rechter om de omgevingsvergunningen voor een nieuw dierzorgcentrum te schorsen tijdens de bezwaarfase. De voorzieningenrechter wees dat verzoek af. De kennisgevingen van de aanvragen en de verleende vergunningen waren niet misleidend of onjuist, en de vergunningen waren inhoudelijk voldoende onderbouwd. Evidente fouten in de besluitvorming ontbraken. Bij de belangenafweging trok het belang van het college en de vergunninghouder bij doorgang van het project zwaarder. Praktisch: een bezwaar schorst niet automatisch de uitvoering; zonder zichtbare motiveringsgebreken of spoedeisend belang houdt een voorlopige voorziening geen stand.

Vertrouwensbeginsel redt aanvraag bedrijfswoning na jarenlange procedure

Bij oude Wabo-afwijkingen blijft het vertrouwensbeginsel een serieuze troef — controleer toezeggingen vroeg in het dossier.

Na een tussenuitspraak in december 2024 moest het college van Eindhoven een herstelbesluit nemen over een omgevingsvergunning voor een bedrijfswoning die al in 2018 was aangevraagd. De Afdeling oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom een eerder gewekte indruk van medewerking niet tot vergunningverlening leidde. De uitspraak speelt zich volledig af in het Wabo-tijdperk en heeft geen directe doorwerking naar het omgevingsplan of de BOPA-systematiek. Praktisch belang: bij lopende pre-Omgevingswet dossiers loont het om gedane uitlatingen van ambtenaren of bestuurders expliciet te toetsen aan het vertrouwensbeginsel voordat een weigering definitief wordt.

HandhavingsverzoekMilieurechthandhaving03

Geen handhaving afdwingen zonder direct belang bij vervuilde grond

Controleer vóór indiening of uw cliënt voldoende eigen belang heeft — algemeen belang telt niet.

Een omwonende of derde die een handhavingsverzoek indient over het afvoeren van mogelijk vervuilde grond, moet een eigen, persoonlijk belang hebben dat zich onderscheidt van het algemene milieubelang. Dat bleek in deze zaak niet het geval: de rechtbank vernietigde de beslissing op bezwaar en verklaarde het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk. Voor het expertteam betekent dit: toets bij elk handhavingsverzoek als eerste stap of de verzoeker kwalificeert als belanghebbende onder artikel 1:2 Awb. Ontbreekt een concreet, individueel belang — bijvoorbeeld directe nabijheid of aantoonbare blootstelling — dan sneuvelt het verzoek al bij de poort, ongeacht de ernst van de mogelijke vervuiling.

Last onder dwangsomMilieurechthandhaving04

Paardenstal in strijd met bestemmingsplan: dwangsom blijft staan

Beginselplicht tot handhaving houdt stand; gedoogargumenten en gelijkheidsbeginsel bieden eigenaar geen soelaas.

De eigenaar van een illegaal geplaatste paardenstal probeerde de dwangsom van tafel te krijgen met een beroep op gelijkheid (anderen worden ook niet gehandhaafd) en gedeeltelijk gedoogd gebruik. De rechtbank trapt er niet in. Het college mocht de last in stand laten: de beginselplicht tot handhaving is het vertrekpunt, en bijzondere omstandigheden om daarvan af te wijken zijn niet aangetoond. Voor handhavingsteams bevestigt dit dat een knip in de last — deels gedogen, deels handhaven — deugdelijk gemotiveerd overeind kan blijven, mits het college per situatie concreet onderbouwt waarom vergelijkbare gevallen wezenlijk verschillen.

Last onder dwangsomMilieurechthandhaving05

Dwangsom vereist overlegging dossiers, niet extra hersteltijd

Begunstigingstermijn is geen tweede kans om compliant te worden — dit geldt ook buiten het milieudomein.

Een producent verzocht om schorsing van een last onder dwangsom, in de veronderstelling dat de begunstigingstermijn bedoeld is om alsnog technische dossiers op orde te brengen. De rechtbank volgt dat niet: de last verplicht tot overlegging van dossiers die de verzoekster al zou moeten hebben, niet tot het opstellen ervan. Voor milieuhandhaving is de uitspraak zijdelings relevant. Ze bevestigt dat een begunstigingstermijn geen verkapt herstelprogramma is — iets wat ook bij Wm-lasten regelmatig speelt. De uitspraak valt buiten het Wabo/Wm-domein en heeft geen zelfstandig gezag voor milieuhandhavingspraktijk.