Jurisprudentie week 22 · 25 mei – 31 mei 2026
Een terugblik op de Nederlandse uitspraken van deze week — 45 uitspraken, waarvan 25 duidelijk relevant voor één expertteam (score ≥ 0,25). Plus 2 wetgevingsadviezen van de Afdeling advisering van de Raad van State. Bron: corpus-rolling-2026-06-07, geordend op datum.
Crimineel verdiend aan milieudelict: hof legt ontneming op
Illegale milieuwinst wordt teruggevorderd — betrek financieel voordeel voortaan standaard in handhavingsstrategie.
Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 29 mei 2026 een ontnemingsmaatregel opgelegd voor wederrechtelijk verkregen voordeel uit een milieudelict. Concreet betekent dit dat de veroordeelde het financiële voordeel dat hij met de overtreding heeft behaald, moet terugbetalen aan de staat. Voor milieuhandhavers is dit een reminder: strafrechtelijke ontneming is een reëel instrument naast de bestuursrechtelijke sancties. Breng bij ernstige milieuovertredingen altijd in kaart welk economisch voordeel de overtreder heeft genoten — dat maakt samenwerking met het OM en de FIOD kansrijker en de totale sanctie effectiever.
Schadeclaim na vernietigde weigering bestemmingsplan windmolenpark sneuvelt op causaliteit
Vernietiging van een weigeringsbesluit opent niet automatisch de weg naar schadevergoeding — bewijs causaal verband zorgvuldig.
De Hoge Raad laat een lagere uitspraak in stand over een schadeclaim tegen een gemeente die weigerde bestemmingsplannen vast te stellen voor een windmolenpark. De bestuursrechter had die weigering al vernietigd, maar dat betekent niet automatisch dat de gemeente aansprakelijk is voor alle geleden schade. De civiele rechter toetst alsnog of er een afdoende causaal verband bestaat tussen het onrechtmatige besluit en de gestelde schade. Daarnaast pakt een laat ingediende deskundigenopinie als productie verkeerd uit: de tweeconclusieregel en de eisen van goede procesorde bieden weinig ruimte voor dit soort tardieve onderbouwing. Zorg dus dat causaliteit én schadeonderbouwing al vroeg in de procedure volledig zijn uitgewerkt.
Hoge Raad — 29 mei 2026
Hoge Raad, 29 mei 2026 — ECLI:NL:HR:2026:811.
Handhavingsverzoek PFAS-emissie afgewezen zonder nader onderzoek door GS
Een handhavingsverzoek moet voldoende concrete aanknopingspunten bieden — anders hoeft het bevoegd gezag geen monsters te nemen.
Gedeputeerde Staten hoeven bij een handhavingsverzoek over PFAS-uitstoot naar de lucht niet eigener beweging aanvullend onderzoek te doen, zoals het nemen van luchtmonsters, als het verzoek zelf onvoldoende concrete aanknopingspunten biedt voor een overtreding. Omdat eiseres geen feiten of omstandigheden aanleverde die een overtreding aannemelijk maakten, mochten GS het verzoek afwijzen zonder nader onderzoek. Praktisch betekent dit: wie handhaving wil afdwingen bij PFAS-emissies, moet zelf met meetgegevens, rapporten of andere onderbouwing komen. Een algemene zorg of vermoeden volstaat niet.
Elke diersoort op de hobbylijst is een zelfstandig appellabel besluit
Bezwaar en beroep staan open per soort — check dus per aanwijzing of niet-aanwijzing of de termijn nog loopt.
Het CBb oordeelt dat het Besluit huis- en hobbydierenlijst geen één besluit is, maar 314 afzonderlijke besluiten: 30 aanwijzingen en 284 niet-aanwijzingen van diersoorten. Elk daarvan kwalificeert als een concretiserend besluit van algemene strekking, waartegen los bezwaar en beroep openstaat. Dat heeft directe gevolgen voor houders, fokkers en brancheorganisaties die het niet eens zijn met de lijst: zij moeten per soort de bezwaartermijn in de gaten houden en kunnen niet volstaan met één algemeen bezwaar tegen het hele besluit. Voor de praktijk betekent dit dat een niet-aanwijzing van soort X een zelfstandig aanknopingspunt voor rechtsbescherming biedt.
Elke diersoort op de hobbylijst is een zelfstandig aanvechtbaar besluit
Bezwaar en beroep per diersoort mogelijk — check of jouw soort nog in de termijn valt.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelde op 28 mei 2026 dat het Besluit huis- en hobbydierenlijst geen één, maar 314 afzonderlijke besluiten bevat: dertig aanwijzingen en 284 niet-aanwijzingen van diersoorten. Elk van die beslissingen kwalificeert als een concretiserend besluit van algemene strekking waartegen zelfstandig bezwaar en beroep openstaat. Dat is praktisch relevant: houders, fokkers of brancheorganisaties die het niet eens zijn met de (niet-)aanwijzing van een specifieke soort, kunnen gericht procederen zonder het hele besluit te hoeven aanvechten. Let op de bezwaartermijnen per individuele beslissing.
Elke diersoortbeslissing op de hobbylijst is zelfstandig aanvechtbaar
Bezwaar mogelijk per soort: check welke van de 314 beslissingen relevant zijn voor jouw cliënt.
Het Besluit huis- en hobbydierenlijst bevat niet één besluit, maar 314 afzonderlijke besluiten: 30 aanwijzingen en 284 niet-aanwijzingen van diersoorten. Het CBb oordeelt dat elk van die beslissingen een concretiserend besluit van algemene strekking is. Dat betekent: tegen elke afzonderlijke soortbeslissing staan bezwaar en beroep open. Voor de praktijk is dit cruciaal — wie namens een houder of brancheorganisatie wil procederen, moet de juiste individuele beslissing aanvechten en de bezwaartermijn per beslissing bewaken. Een generiek bezwaar tegen 'het Besluit' als geheel volstaat niet.
Twee kapwoningen vergund: bestemmingsplan en welstandsadvies houden stand
Controleer of bezwaren over strijdigheid al in het bestemmingsplan zijn verwerkt voordat je naar de rechter stapt.
De rechtbank laat de omgevingsvergunning voor twee twee-onder-één-kapwoningen in stand. Eisers stelden dat het bouwplan in strijd was met een vaststellingsbesluit uit 2021, maar de rechtbank stelt vast dat dit besluit al in het geldende bestemmingsplan is verwerkt. Het bouwplan voldoet aan de maatvoering. Ook het welstandsoordeel van de CRKE houdt stand: het college mocht daarop afgaan. Praktisch punt: wie bezwaar maakt tegen een bouwplan moet eerst checken of de bezwaren over strijdigheid niet al zijn geabsorbeerd door een later onherroepelijk bestemmingsplan. Zo niet, dan loop je vast op de ontvankelijkheid of de inhoud.
voorlopige voorziening
voorlopige voorziening
Rechtbank Noord-Nederland, 27 mei 2026 — ECLI:NL:RBNNE:2026:1980. voorlopige voorziening
Waterschap moet nadeelcompensatie vruchtboomkweker Bergeijk heroverwegen
Beekherstelprojecten kunnen schade opleveren voor pachters — onderbouw tijdig het causaal verband.
Een vruchtboomkweker in Bergeijk vroeg nadeelcompensatie van Waterschap De Dommel na een beekherstelproject langs de Keersop. Het waterschap wees het verzoek af, maar de Raad van State oordeelt dat die afwijzing onvoldoende is gemotiveerd. Voor milieuteams betekent dit: bij waterbeheerprojecten met aantoonbare gevolgen voor agrarisch gebruik — denk aan peilwijzigingen, oeverherstel of inrichtingsplannen — moet je als bestuursorgaan actief onderzoeken of schade binnen het normaal maatschappelijk risico valt. Pachters hebben dezelfde bescherming als eigenaren; negeer hun positie niet in de schadebeoordeling.
Tuinhuis zonder vergunning: Bor-criteria bepalen ook onder omgevingsplan de grens
Art. 22.36 omgevingsplan heeft dezelfde strekking als art. 2 bijlage II Bor — toets dus op dezelfde criteria.
Nieuwkoop legde een last onder dwangsom op voor een tuinhuis en hekwerk. De Raad van State bevestigt dat artikel 22.36 van het omgevingsplan van Nieuwkoop inhoudelijk gelijkloopt met artikel 2 van bijlage II bij het Bor. Dat betekent: de bekende Bor-criteria voor vergunningvrij bouwen gelden onverminderd onder het omgevingsplan. Nieuwe omgevingsplan-doctrine levert dit niet op, maar de uitspraak is bruikbaar als bevestiging dat overgangsrechtelijke gelijkstellingen (art. 4.3 IwOw) in de praktijk standhouden. Controleer bij handhavingszaken altijd of de planregels inhoudelijk afwijken van het Bor — pas dan wijzigt de toets.
Vuilniswagen past niet veilig: aanbiedlocatie afval verplaatst
Gemeenten moeten bij het aanwijzen van aanbiedlocaties de verkeersveiligheid voor inzamelvoertuigen aantoonbaar meewegen.
De Raad van State beoordeelde of de gemeente Midden-Delfland terecht een aanbiedlocatie voor minicontainers had opgeheven. De locatie lag aan het einde van een doodlopende weg die overging in een fietspad, langs een waterloop. Het inzamelvoertuig kon er niet veilig keren. De gemeente mocht de locatie op grond van verkeersveiligheid opheffen en elders aanwijzen. Voor milieujuristen relevant: bij het aanwijzen of wijzigen van aanbiedlocaties is een onderbouwing van de fysieke inzetbaarheid van voertuigen noodzakelijk. Zonder die onderbouwing is een opheffingsbesluit kwetsbaar voor bezwaar en beroep.
Geurhinder en geluidhinder ORAC rechtvaardigen locatiekeuze niet automatisch
Controleer bij ORAC-aanwijzingen of hinder en uitzichtschade voldoende zijn meegewogen in de locatieafweging.
De Raad van State beoordeelde of Vlissingen de locatie voor een ondergrondse restafvalcontainer (ORAC) terecht had aangewezen. Een omwonende stelde dat de container geurhinder, nachtelijke geluidhinder en ongedierteaantrekking veroorzaakt en zijn uitzicht belemmert. De uitspraak maakt duidelijk dat het college bij locatieaanwijzing deze belangen expliciet moet afwegen en niet kan volstaan met een algemene motivering. Voor milieuteams betekent dit: zorg bij ORAC-procedures dat hinderaspecten — geur, geluid, ongedierte — per locatie onderbouwd zijn gedocumenteerd, zodat de aanwijzing bij bezwaar en beroep standhoudt.
Sportzaal in Dronten mag arbeidsmigranten huisvesten ondanks sportbestemming
Huisvesting binnen een sportbestemming kan vergund worden — check of 'ondergeschikte functies' ook bij jouw plan ruimte bieden.
De Raad van State bevestigt dat het college van Dronten terecht een omgevingsvergunning verleende voor de huisvesting van 24 arbeidsmigranten in een sportzaal met de enkelbestemming 'sport'. De kernvraag was of bewoning strijdig is met die bestemming. De uitspraak maakt duidelijk dat een afwijkingsvergunning soelaas kan bieden als het gebruik functioneel verbonden is aan de hoofdbestemming of het plan daarvoor ruimte laat. Voor teams die werken aan tijdelijke huisvestingsopgaven voor arbeidsmigranten: beoordeel per bestemmingsplan of een afwijkingsbevoegdheid beschikbaar is voordat je naar een bestemmingswijziging grijpt.
Omgevingsdialoog onvoldoende gedocumenteerd, plan sneuvelt alsnog
Leg vast wát je met inbreng deed — niet alleen dát je participatie organiseerde.
De raad van Leeuwarden stelde een bestemmingsplan vast voor 17 appartementen aan de Beukenstraat, maar in de plantoelichting stond dat omwonenden waren betrokken bij het ontwerp. De Werkgroep Beukenstraat bestreed dat. De Raad van State oordeelt dat de toelichting op dit punt niet klopt of onvoldoende onderbouwd is. De les voor ruimtelijke teams: participatieverslagen moeten concreet maken welke inbreng is ontvangen, hoe die is gewogen en waarom bepaalde bezwaren wel of niet zijn meegenomen. Een algemene verwijzing naar 'bewonersoverleg' is niet genoeg om beroepsgronden over de kwaliteit van participatie af te weren.
Begeleid wonen voor kwetsbare groepen valt niet automatisch onder reguliere woonbestemming
Continuïteit en onderlinge verbondenheid blijven doorslaggevend bij toetsing van zorgwoonvormen aan een woonbestemming.
De Raad van State bevestigt de bestaande lijn: of bewoners als 'één huishouden' gelden, hangt af van continuïteit van samenleven en onderlinge verbondenheid — niet van de zorgvorm of doelgroep. In Enschede werden bewoners van een begeleid-wonen-pand niet als één huishouden aangemerkt, waardoor het gebruik in strijd was met het paraplubestemmingsplan. Voor het woonteam betekent dit: check bij zorgwooninitiatieven altijd concreet hoe bewoners feitelijk samenleven. Een zorgcomponent maakt van kamerverhuur aan kwetsbare mensen nog geen 'zelfstandige wooneenheid' of 'één huishouden'. Stem dit vroeg af met de gemeente om handhavingsrisico's te voorkomen.
Radartoren van 50 meter vergund ondanks strijdig bestemmingsplan
Wanneer is een buitenplanse afwijking voor een opvallend hoog bouwwerk juridisch houdbaar?
De gemeente Hulst verleende een omgevingsvergunning voor een 50 meter hoge radartoren in Walsoorden, in afwijking van het bestemmingsplan. De Raad van State beoordeelde of de gemeente de belangen voldoende heeft afgewogen en de afwijking deugdelijk heeft gemotiveerd. Voor teams die werken aan buitenplanse afwijkingen voor grote infrastructurele objecten: de uitspraak laat zien hoe zwaar de motiveringsplicht weegt bij opvallende hoogteoverschrijdingen, en welke rol publieksfuncties aan een bouwwerk spelen bij de ruimtelijke onderbouwing.
Spoedeisende bestuursdwang bij fout aangeboden huisvuil: €210 kostenverhaald
Verkeerd aangeboden huishoudelijk afval kan direct leiden tot kostenverhaal — ook zonder voorafgaande waarschuwing.
In Zaanstad bood een bewoner huishoudelijk afval aan in strijd met de Afvalstoffenverordening 2020. Het college paste op 19 augustus 2025 spoedeisende bestuursdwang toe en verhaalede €210 aan kosten op de overtreder. De Raad van State beoordeelde of aan de voorwaarden voor spoedeisende bestuursdwang was voldaan en of het kostenverhaal rechtmatig was. Voor milieuteams die handhaven op afvalaanbiedingsregels is dit relevant: spoedeisende bestuursdwang vereist een acute situatie, maar biedt ook een directe grondslag voor kostenverhaal zonder voorafgaande last. Zorg dat de feitelijke spoedsituatie goed is gedocumenteerd — dat is de kern van het geschil bij dit type zaken.
Spoedeisende bestuursdwang bij fout aangeboden huisvuil: kosten voor bewoner
Gemeente mag kosten van spoedopruiming doorbelasten aan overtreder — ook bij relatief kleine afvalzaken.
Rotterdam paste op 28 oktober 2025 spoedeisende bestuursdwang toe omdat een bewoner huishoudelijk afval aanbood in strijd met de Afvalstoffenverordening. De kosten van € 192,- werden achteraf op schrift gesteld en verhaald op de overtreder. De Raad van State bevestigt deze aanpak. Voor het milieu-expertteam betekent dit: bij spoedeisende situaties hoeft het college niet te wachten op een handhavingsbesluit vooraf — de kostenverhaalsbeschikking achteraf volstaat. Zorg wel dat de schriftelijke vastlegging snel en volledig is, want die beschikking is het aanknopingspunt voor bezwaar en beroep.
Gemeente Haarlem aansprakelijk na onjuiste omzetting woningaanvraag in urgentieverzoek
Verkeerd kwalificeren van een aanvraag kan leiden tot schadeplichtigheid — toets bij intake altijd wat de burger écht vraagt.
Het college van Haarlem zette een aanvraag voor een contingentwoning zonder grondslag om naar een urgentiecategorieverzoek. Dat bleek onrechtmatig. De rechtbank veroordeelde de gemeente tot schadevergoeding; de Raad van State bevestigt dat oordeel. De kern: een bestuursorgaan mag een aanvraag niet eigenhandig herdefiniëren als dat de rechtspositie van de aanvrager verslechtert. Voor teams die woningaanvragen of vergelijkbare verdelingsbeslissingen behandelen, betekent dit: leg bij de intake vast wat de aanvrager precies vraagt en stuur niet stilzwijgend bij naar een andere procedure.
Outletbestemming biedt geen ruimte voor afwijkende detailhandel
Een specifieke aanduidingsomschrijving beperkt de vergunningsmogelijkheden strikter dan een algemene detailhandelsbestemming.
Het college van Assen weigerde een omgevingsvergunning voor een bedrijfsperceel met de aanduiding 'detailhandel in outletproducten'. De Raad van State bevestigt die weigering: de specifieke aanduidingsomschrijving is beperkend bedoeld en laat geen ruimte voor andere detailhandelsvormen, ook niet via een binnenplanse afwijking. Voor de praktijk betekent dit: controleer bij advisering over bedrijventerreinen niet alleen de hoofdbestemming, maar ook de exacte bewoordingen van specifieke aanduidingen. Een smalle omschrijving sluit afwijkend gebruik juridisch effectief uit, ongeacht de functionele gelijkenis met toegestane activiteiten.
Watervergunning vaarverbinding: belangen omwonenden serieus afwegen
Wil je een vaarverbinding vergunnen? Zorg dat de belangen van derden aantoonbaar zijn meegewogen.
Het Waterschap Noorderzijlvest verleende een watervergunning voor een vaarverbinding van vijf woningen in Haren naar het Paterswoldsemeer. De Raad van State beoordeelde of het dagelijks bestuur de betrokken belangen — waaronder die van omwonenden en natuurwaarden rond het meer — voldoende had afgewogen. Voor het expertteam Milieu betekent dit: bij watervergunningen voor recreatieve voorzieningen als vaarverbindingen moet de onderbouwing van de belangenafweging expliciet en navolgbaar zijn. Ontbreekt die onderbouwing of is ze summier, dan is het besluit kwetsbaar bij beroep.
Venlo herstelt bestemmingsplan na gebreken vastgesteld door Afdeling
Een tussenuitspraak met herstelverplichting: zo werkt de bestuurlijke lus in de Venlo-casus.
De Afdeling constateerde in juli 2025 gebreken in het bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo en gaf de gemeenteraad 26 weken om die te herstellen. In de einduitspraak van mei 2026 beoordeelt de Afdeling of het herstel slaagt. De casus illustreert hoe de bestuurlijke lus werkt: de rechter geeft het bestuursorgaan een tweede kans in plaats van het besluit direct te vernietigen. Voor planopstellers betekent dit dat gebreken in de onderbouwing — hier al in 2022 gemaakt — jaren later alsnog tot herstelwerk leiden. Zorg dus dat motivering en onderzoek bij vaststelling al op orde zijn.
Bedrijfsaanduiding bestemmingsplan Dantumadiel hersteld na geconstateerde gebreken
Controleer of bedrijfscategorieën in uw bestemmingsplan aansluiten op de feitelijke milieusituatie ter plaatse.
Na een tussenuitspraak uit december 2024 moest de gemeente Dantumadiel gebreken herstellen in het bestemmingsplan Feanwâlden-Súd. De gebreken zaten in de toegekende bedrijfscategorieën: de aanduiding sloot niet goed aan op wat milieuregelgeving en de omgeving toelaten. In de einduitspraak van mei 2026 beoordeelt de Afdeling of het herstel voldoende is. Voor het milieuteam is de les duidelijk: bij het toekennen van bedrijfscategorieën in een bestemmingsplan moet de onderbouwing — milieuzonering, VNG-richtafstanden, feitelijk gebruik — van het begin af aan kloppen. Een herstelronde kost al snel anderhalf jaar extra.
Spoedeisende bestuursdwang bij verkeerd aangeboden huishoudelijk afval rechtmatig
Controleer bij spoedtoepassing altijd of toerekening van kosten aan de juiste overtreder deugdelijk is onderbouwd.
Een bewoner bood huishoudelijk afval aan in strijd met de gemeentelijke Afvalstoffenverordening. Het college paste op 17 juli 2025 spoedeisend bestuursdwang toe en stelde de kosten (€ 199,57) op de bewoner verhaalbaar. De Raad van State bevestigt dat spoedeisende bestuursdwang in dit soort situaties rechtmatig kan worden ingezet zonder voorafgaande waarschuwing. Voor het milieu-expertteam is de kern: zorg dat bij kostenverhaal de koppeling tussen de concrete overtreding, de identiteit van de overtreder en de gemaakte kosten aantoonbaar is gedocumenteerd — dat is het punt waarop dit soort besluiten het vaakst sneuvelt.
Spoedeisende bestuursdwang bij fout aangeboden huishoudelijk afval blijft stand
Verkeerd aangeboden huisvuil rechtvaardigt directe bestuursdwang — en de kosten komen bij de overtreder te liggen.
De Raad van State bevestigt dat een gemeente spoedeisende bestuursdwang mag toepassen als huishoudelijk afval in strijd met de afvalstoffenverordening wordt aangeboden. De kosten — hier € 192,00 — worden verhaald op de overtreder. Relevant voor de praktijk: spoedeisende bestuursdwang vereist géén voorafgaande waarschuwing, maar het college moet de beslissing achteraf wel schriftelijk vastleggen. Let bij kostenverhaal op een deugdelijke specificatie; ontbreekt die, dan sneuvelt de kostenbeschikking eerder dan de last zelf.
Terugbetalingsplicht inburgeringslening begint pas na correcte kennisgeving inburgeringsplicht
Controleer of de inburgeringsplicht tijdig en correct is medegedeeld voordat je een terugbetalingsregeling vaststelt.
De Raad van State oordeelt dat de minister pas een terugbetalingsverplichting voor een inburgeringslening mag opleggen als de betrokkene aantoonbaar en rechtmatig op de hoogte is gesteld van zijn inburgeringsplicht. In deze zaak beschikte appellant over een reguliere verblijfsvergunning en woonde hij bij zijn zoon. De kennisgeving uit 2016 bleek onvoldoende basis voor de terugbetalingsbeschikking van 2023. Praktisch betekent dit: leg bij het opleggen van terugbetalingsverplichtingen altijd het volledige dossier vast — wanneer, hoe en aan wie de inburgeringsplicht is meegedeeld. Ontbreekt die onderbouwing, dan is de beschikking kwetsbaar.
Recreatieterrein Lingemerengebied goedgekeurd ondanks milieu- en verkeersbezwaren
Bezwaren over verkeersveiligheid en milieuhinder houden een recreatieontwikkeling met natuurhuisjes niet tegen.
De Raad van State bekrachtigde het bestemmingsplan voor een recreatieterrein met natuurhuisjes en horeca in het Lingemerengebied (gemeente Buren). Stichting Dijk van een Delta vreesde voor verkeersveiligheid en milieuvervuiling, maar die bezwaren overtuigden de rechter niet. Voor milieuteams betekent dit: onderbouw bij dit soort recreatieplannen vroegtijdig hoe verkeersintensiteit en milieueffecten zijn gewogen — een stichting die achteraf bezwaar maakt zonder concrete onderbouwing, legt het af tegen een gedegen ruimtelijke motivering van de raad.
Recyclingbedrijf Kargro mag toekomstige groei niet inleveren voor bedrijventerrein Nederweert
Actualisering bestemmingsplan mag bestaand recyclingbedrijf niet beperken in zijn milieuruimte.
De gemeente Nederweert actualiseerde het bestemmingsplan voor bedrijventerrein Aan Veertien, mede om het terrein uit te breiden. Recyclingbedrijf Kargro, gevestigd aan de Kanaaldijk 14, vreest dat de nieuwe planregels zijn milieuruimte inperken. De Raad van State buigt zich over de vraag of de raad voldoende rekening heeft gehouden met de vergunde en planologisch toegestane activiteiten van Kargro. Voor milieuteams is dit relevant: bij actualisering van bedrijventerreinen moet je bestaande milieurechten van zittende bedrijven expliciet in beeld brengen en borgen in de planregels, anders loop je het risico dat het plan op dit punt sneuvelt.
Gemeente moet alsnog motiveren waarom woningbouw op agrarisch perceel past
Onderbouw de ruimtelijke aanvaardbaarheid van functieverandering vóór vaststelling, anders stuurt de Afdeling je terug.
De Afdeling constateerde in september 2025 gebreken in het bestemmingsplan 'Loosterweg 16, Voorhout' van gemeente Teylingen en gaf de raad 20 weken om die te herstellen. In de einduitspraak van mei 2026 beoordeelt de Afdeling of het herstel voldoende is. De kern: de raad had bij de vaststelling van het plan onvoldoende gemotiveerd waarom een nieuwe woonfunctie op het betrokken perceel ruimtelijk aanvaardbaar is. Voor planmakers betekent dit dat een deugdelijke ruimtelijke onderbouwing — inclusief toets aan provinciaal beleid en omgevingsaspecten — op orde moet zijn vóór de raad tot vaststelling overgaat. Een herstelbesluit kost tijd en vergroot de juridische onzekerheid voor initiatiefnemers.
Parkeerontheffing voor antiekmarkt mag voorwaarden bevatten over toegankelijkheid
Voorwaarden aan een parkeerontheffing zijn geldig als ze direct samenhangen met het vergunde gebruik.
De gemeente Haarlem verleende een parkeerontheffing voor een jaarlijkse antiekmarkt op het Schelpenpad, maar verbond daar voorwaarden aan. De Raad van State oordeelt dat het college die voorwaarden rechtmatig heeft gesteld. Voor de praktijk betekent dit: bij het verlenen van ontheffingen van parkeerverboden via de APV mag het college voorschriften opnemen die samenhangen met de reden van ontheffing — denk aan toegankelijkheid van het trottoir of doorgang voor hulpdiensten. Organisatoren van evenementen met parkeerontheffing moeten rekening houden met nalevingsplichten die verder gaan dan alleen het parkeerverbod zelf.
Tijdelijk strandpaviljoen in natuurgebied: omgevingsvergunning tien jaar geldig
Toets tijdelijke bouwwerken in natuurgebieden op cumulatieve effecten — ook bij een beperkte looptijd.
De Raad van State oordeelde op 27 mei 2026 over een omgevingsvergunning voor een strandpaviljoen in het Blaricense natuurgebied Voorland, verleend voor maximaal tien jaar. Kernvraag was of een tijdelijk karakter de vergunningverlening in een gevoelig natuurgebied rechtvaardigt. Voor milieuteams is de les helder: een beperkte looptijd verlicht de toets niet automatisch. Beoordeel bij tijdelijke inrichtingen in of nabij Natura 2000-gebieden alsnog de stikstofdeposities, verstoringseffecten en cumulatie met omliggende activiteiten. Leg dat oordeel expliciet vast in het dossier — een dunne onderbouwing houdt geen stand bij bezwaar of beroep.
Texel regelt verblijfsrecreatie via paraplubestemmingsplan, RvS toetst
Parapluplannen voor toerisme worden vaker bestreden — ken de toetsingsgronden voordat je er een opstelt.
De Raad van State beoordeelt het paraplubestemmingsplan waarmee Texel de regels over verblijfsrecreatie gemeentebreed heeft herzien. Het plan vult bestaande bestemmingsplannen aan en vervangt deels de recreatieregels, gebaseerd op het Toeristisch Toekomstplan. Parapluplannen zijn juridisch kwetsbaar als de onderbouwing van de ruimtelijke aanvaardbaarheid per deelgebied ontbreekt of als de relatie met onderliggende plannen niet klopt. Voor teams die vergelijkbare plannen voorbereiden: zorg dat elke planregel zelfstandig houdbaar is en dat de verhouding tot bestaande bestemmingen expliciet is vastgelegd.
Conserverend bestemmingsplan buitengebied Bergen op Zoom gedeeltelijk vernietigd
Actualisering van een conserverend buitengebiedplan levert toch juridische kwetsbaarheden op — check uw motivering.
De Raad van State heeft het bestemmingsplan 'Buitengebied Oost 2020' van Bergen op Zoom gedeeltelijk vernietigd. Het plan beoogde het planologisch kader voor het oostelijk buitengebied te actualiseren zonder grote inhoudelijke wijzigingen. Toch sneuvelden onderdelen bij de rechter. Voor het milieuteam is de les dat een conserverend karakter geen vrijbrief is voor dunne motivering: ook bestaande situaties moeten opnieuw worden onderbouwd als de milieuregelgeving of feitelijke omstandigheden zijn veranderd sinds de vorige vaststelling. Controleer bij vergelijkbare herzieningen of de milieuaspecten — zoals geur, geluid en externe veiligheid — actueel zijn gedocumenteerd.
Ontheffing hazenbestrijding Zeeland sneuvelt door gebrekkige schadeonderbouwing
Controleer of uw faunabeheerplan de gewasschade concreet en actueel onderbouwt voordat u een ontheffing aanvraagt.
De Raad van State vernietigt de ontheffing die Gedeputeerde Staten van Zeeland verleenden voor het doden van hazen met geweer. Het faunabeheerplan onderbouwde de noodzaak onvoldoende: de schadegegevens waren niet actueel en concreet genoeg om de maatregel te rechtvaardigen. Voor het expertteam betekent dit dat een faunabeheerplan meer moet bevatten dan algemene verwijzingen naar gewasschade. Denk aan recente, locatiespecifieke schaderegistraties en een aantoonbare relatie tussen de populatieomvang en de schade. Zonder die onderbouwing houdt een ontheffing bij de rechter geen stand.
Subsidie zonnepanelen op nul gesteld bij te laag energieverbruik
Verbruik onder 50.000 kWh? Controleer dit vóór aanvraag — achteraf corrigeren lukt niet.
Een onderneming ontving subsidie voor zonnepanelen, maar bij vaststelling bleek het netto elektriciteitsverbruik in het voorafgaande jaar onder de 50.000 kWh-drempel te liggen. De minister stelde de subsidie vast op €0,-. Dat de panelen al geïnstalleerd zijn, telt niet mee: de drempel is een harde toelatingseis, geen rekenfout die je achteraf kunt herstellen. Een beroep op coulance slaagde niet. Praktisch: controleer bij subsidieaanvragen met verbruiksdrempels altijd het historische verbruik én vraag de aanvrager dit zelf te onderbouwen met meterdata, zodat een vergelijkbare terugvordering te voorkomen is.
Bijna twee jaar lege pluimveestal maakt Lbv-plus subsidie onmogelijk
Controleer leegstandsperiodes vóór aanvraag: tijdelijke leegstand heeft grenzen.
Een pluimveehouder vraagt Lbv-plus-subsidie aan, maar zijn stal heeft bijna twee jaar leeggestaan. Dat is te lang voor de vijfjaarseis: de productiecapaciteit moet onafgebroken zijn benut in de vijf jaar vóór de aanvraag. De regeling tolereert wel kortere leegstand binnen normale bedrijfsvoering, maar bijna twee jaar valt daar buiten. Het CBb bevestigt de afwijzing. Praktisch gevolg: controleer bij iedere Lbv-plus-aanvraag de feitelijke gebruikshistorie van elke stal afzonderlijk. Langdurige leegstand — ook als de rest van het bedrijf draaide — kan de hele aanvraag voor die stal blokkeren.
Geen bezwaar tegen last? Dan staat overtreding vast bij kostenverhaal
Wie de last niet aanvecht, kan de kosten van bestuursdwang later niet meer betwisten via de overtredingsvraag.
Een kinderboerderij bestreed niet de opgelegde last onder dwangsom, waarna de minister bestuursdwang toepaste. Toen de kosten werden verhaald, probeerde de kinderboerderij alsnog te betwisten dat er een overtreding was. Dat lukt niet: wie de last onherroepelijk laat worden, is gebonden aan de daarin vastgestelde overtreding. Wat nog wél ter discussie staat, zijn de kosten zelf. Het College oordeelt dat de minister de kosten met facturen voldoende heeft onderbouwd. Praktisch: zorg dat een overtreder tijdig bezwaar maakt tegen de last zelf — dat venster sluit definitief. Bij kostenverhaal volstaan gespecificeerde facturen als onderbouwing.
Lege varkensstallen vijf jaar aaneengesloten nodig voor Lbv-subsidie
Tijdelijke leegstand telt niet mee: controleer de bedrijfshistorie vóór je een aanvraag indient.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt dat de vijfjaarseis voor de Lbv en Lbv-plus strikt wordt uitgelegd. Varkensstallen moeten de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag aaneengesloten in gebruik zijn geweest voor het houden van dieren. Leegstand door bedrijfseconomische keuzes of herstructurering tussen vestigingen telt niet als 'kortdurende leegstand binnen het normale bedrijfsproces'. Dat de stallen van bedrijven S, N en C functioneel samenhingen, maakt dat niet anders. Praktisch gevolg: breng bij elke aanvraag de volledige bezettingshistorie per stal in kaart en anticipeer op kritische vragen van RVO over periodes zonder dieren.
Leegstaande stallen tellen niet mee voor de vijfjaarseis
Controleer of stallen daadwerkelijk in gebruik zijn geweest — leegstand doorbreekt de vijfjaarstermijn.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelde op 26 mei 2026 (ECLI:NL:CBB:2026:222) dat leegstand van stallen maakt dat niet wordt voldaan aan de vijfjaarseis. Opvallend: er is geen ruimte om het evenredigheidsbeginsel in te roepen als reparatiemiddel. De eis is hard. Voor het milieu-expertteam betekent dit dat je bij aanvragen waarbij de vijfjaarseis speelt altijd concreet bewijs van feitelijk gebruik moet verlangen. Papieren vergunningstermijnen zijn niet genoeg — aantoon dat de capaciteit ook werkelijk benut is.
Geen herstelsanctie zonder voorafgaande schriftelijke waarschuwing
Sla de waarschuwingsstap nooit over — ook niet als je mondeling al hebt aangezegd.
Het CBB herhaalt zijn lijn uit 2024: wie handhavingsbeleid voert dat een schriftelijke waarschuwing voorschrijft vóór oplegging van een herstelmaatregel, moet die stap ook daadwerkelijk zetten. Een mondelinge aanzegging volstaat niet. De minister handelde in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel (art. 3:2 Awb) door die waarschuwing over te slaan. De zaak speelt bij de NVWA in pluimveetoezicht, maar de redenering geldt breed: check bij elke herstelsanctie of jouw beleid een waarschuwingsfase kent en documenteer die schriftelijk. Ontbreekt die stap, is de sanctie juridisch kwetsbaar.
Gangen tellen niet mee als dierenverblijf bij subsidieberekening stallen
Controleer vóór aanvraag welke ruimten als dierenverblijf kwalificeren — gangen vallen er standaard buiten.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt dat gangoppervlakte buiten de subsidieberekening blijft omdat gangen geen onderdeel zijn van het dierenverblijf. Dat de uitkomst voor de aanvrager ongunstig uitpakt, maakt dat niet anders: het evenredigheidsbeginsel biedt hier geen correctiemogelijkheid. Voor het expertteam betekent dit dat bij subsidieaanvragen voor stallen scherp onderscheid gemaakt moet worden tussen verblijfsruimte en verkeersruimte. Leg dat onderscheid vast in de aanvraag en zorg dat de stalindeling aansluit op de definitie die de subsidieregeling hanteert. Achteraf pleiten op billijkheid werkt niet.
ACM mag handhavingsverzoek afvalverwerking weigeren op basis van prioritering
Een afgewezen handhavingsverzoek bij de ACM is moeilijk aan te vechten — ook bij concrete bevoordelingsklachten.
AVR klaagde dat aandeelhoudende gemeenten het bevoordelingsverbod (art. 25j Mw) overtraden door afvalverwerkingsopdrachten zonder aanbesteding te gunnen aan Twence tegen te hoge tarieven. De ACM wees het handhavingsverzoek af op grond van prioriteringsbeleid. Het CBb accepteert dat: de ACM heeft beoordelingsruimte bij het stellen van prioriteiten en hoeft niet elk verzoek inhoudelijk te behandelen. Concreet betekent dit dat klagers bij vermoedelijke schendingen van het bevoordelingsverbod rekening moeten houden met een lage slagingskans via de ACM — een civiele route of aanbestedingsrechtelijk bezwaar verdient dan serieuze overweging.
Vloeistof vóór recyclingbehandeling al afvalstof voor opslagregels
Wacht niet op recycling: onbehandelde vloeistof telt al als afvalstof bij opslag.
De Hoge Raad laat een Hof-oordeel in stand: een vloeistof die nog geen recyclingbehandeling heeft ondergaan, is al een afvalstof in de zin van de Wabo. Dat betekent dat de opslagvoorschriften voor afvalstoffen direct van toepassing zijn, ook als de stof later nog nuttig wordt hergebruikt. Voor het milieuteam is dit relevant bij toezicht en handhaving op opslagsituaties: het moment van afvalstatus begint vóór de recyclingketen, niet erna. Feitelijk leidinggevers kunnen strafrechtelijk worden aangesproken als de rechtspersoon deze voorschriften overtreedt.
NLA-boeterapport volstaat voor intrekking exploitatievergunning, ook zonder onherroepelijke boete
Een geschorste boete stopt de burgemeester niet: het rapport zelf is al genoeg bewijs.
De burgemeester van Hilversum trok de exploitatievergunning van een seksinrichting in nadat de Nederlandse Arbeidsinspectie Wav-overtredingen had vastgesteld. De rechtbank bevestigt: een NLA-boeterapport levert voldoende 'aanwijzingen' op voor intrekking op grond van de APV, ook als de boete nog niet onherroepelijk is of zelfs is geschorst. Voor het arbeidsmigratie-expertteam is de bredere les relevant: Wav-handhaving werkt door naar gemeentelijke vergunningen in uiteenlopende sectoren — logies, uitzendbureaus, horeca. Zodra de inspectie een rapport opmaakt, is het risico op vergunningverlies reëel. Adviseer opdrachtgevers niet te wachten op de uitkomst van de boeteprocedure voordat zij actie ondernemen.
Pilot arbeidsmigranten startende innovatieve bedrijven nogmaals verlengd
De pilot die startups toegang geeft tot buitenlands talent krijgt opnieuw een langere looptijd — relevant voor werkgevers en adviseurs in de innovatiesector.
Het Ministerie van SZW wil de pilot voor startende innovatieve ondernemingen onder de Wet arbeid vreemdelingen opnieuw verlengen. De wijziging raakt artikel 13.3 van het Besluit uitvoering Wav 2022 en heeft als grondslag artikel 3 lid 1 onder c Wav. De pilot maakt het voor erkende startups mogelijk om buiten de reguliere toelatingsroutes buitenlandse werknemers aan te trekken. De Raad van State heeft op 29 mei 2026 advies uitgebracht; het dictum is nog niet openbaar, maar gezien de technische aard van de verlenging is substantieel bezwaar onwaarschijnlijk. Verwacht de AMvB op korte termijn in de Staatscourant. Relevant voor teams die werkgevers in de techsector begeleiden bij Wav-trajecten.
Hernieuwbare energie vervoer: EU-richtlijn vertaald naar twee AMvB's
Twee besluiten worden aangepast om nieuwe Europese hernieuwbare-energiedoelen voor transport door te voeren in Nederlandse regelgeving.
De wijziging past het Besluit energie vervoer en het Besluit brandstoffen luchtverontreiniging aan op grond van EU-Richtlijn 2023/2413, die de Renewable Energy Directive aanscherpt. Concreet gaat het om bijgestelde verplichtingen voor brandstofleveranciers rond het aandeel hernieuwbare energie in transport — denk aan hogere bijmengpercentages en gewijzigde berekeningssystematieken. Voor het omgevingsbeleidsteam is dit relevant als achtergrond bij projecten waarbij brandstoffen, laadinfrastructuur of energievoorziening van vervoersknooppunten ter sprake komen. Het advies is uitgebracht op 26 mei 2026; het dictum is nog niet openbaar, maar implementatie van een EU-richtlijn brengt weinig beleidsruimte mee, dus inwerkingtreding op korte termijn ligt in de rede.
