Jurisprudentie week 37 · 7 sep – 13 september 2026
Een terugblik op de Nederlandse uitspraken van deze week — 36 uitspraken, waarvan 13 duidelijk relevant voor één expertteam (score ≥ 0,25). Bron: corpus-rolling-2026-09-20, geordend op datum.
Sluiting tweedehandswinkel in kort geding voorlopig overeind
Een rechterlijk oordeel in kort geding blokkeert de heropening — wacht op de bodemprocedure.
De rechtbank Amsterdam liet in kort geding de sluiting van een tweedehandswinkel voorlopig in stand. Dat betekent dat de ondernemer de winkel niet mag heropenen totdat de bodemrechter zich heeft uitgesproken. Het vonnis zegt niets over de rechtmatigheid van het sluitingsbesluit op de lange termijn — dat volgt later. Voor handhavingspraktijk is dit een bevestiging dat een voorlopige voorziening de heropening kan blokkeren, ook als de rechtmatigheid van het besluit nog niet definitief vaststaat. Houd de bodemprocedure in de gaten voor het inhoudelijke oordeel.
Ongewoon voorval melden bij dreiging, niet pas na oorzaakonderzoek
Wie eerst de oorzaak uitzoekt voordat hij meldt, is al te laat.
Rechtbank Oost-Brabant legde een bedrijf een boete van € 80.000 op voor opzettelijke overtreding van de Wet milieubeheer. De kern: de meldplicht bij een ongewoon voorval (art. 2.21 Bal) treedt in zodra er een dreiging is — niet pas als de oorzaak bekend is. Eerst intern onderzoek doen en daarna melden, is te laat. Voor de OD-praktijk betekent dit dat 'onverwijld' strikt wordt uitgelegd. Let op: dit is een WED-zaak (strafrechtelijk spoor), geen bestuursrechtelijke handhaving. De uitleg van de meldplicht is echter bruikbaar als referentie bij het beoordelen van naleving in het eigen handhavingstraject.
Geen handhavingsplicht als verstoring das niet verboden is onder Bal
Beginselplicht handhaving stopt waar de wet geen overtreding definieert.
NatuurAlert vroeg de voorzieningenrechter van Rechtbank Overijssel om handhaving tegen Military Boekelo vanwege vermeende verstoring van beschermde diersoorten in het Teesinkbos. Het college weigerde, omdat de gestelde gedraging — verstoring van de das — onder artikel 11.54 Bal geen verboden handeling oplevert. Geen overtreding, geen handhavingsbevoegdheid, dus ook geen beginselplicht. De rechter volgde dat: zonder een wettelijke grondslag die de handeling verbiedt, kan het bestuursorgaan niet handhavend optreden, hoe begrijpelijk de zorg ook is. Praktisch: controleer bij soortgerelateerde handhavingsverzoeken onder de Omgevingswet altijd eerst of de concrete gedraging expliciet valt onder een verbodsbepaling in het Bal — ontbreekt die koppeling, dan is afwijzing van het verzoek rechtmatig.
Geen huurcontract alleen is te weinig bewijs voor zorgplichtschending eigenaar
Gemeente moet meer aantonen dan enkel het ontbreken van een huurovereenkomst om functioneel daderschap te vestigen.
De Haagse Pandbrigade trof zes bewoners aan die geen gezamenlijk huishouden vormen — klassiek geval van onvergunde onzelfstandige bewoning onder artikel 21 Huisvestingswet 2014. Toch houdt de last onder dwangsom geen stand. De Raad van State oordeelt dat het ontbreken van een schriftelijke huurovereenkomst op zichzelf onvoldoende is om te concluderen dat de eigenaar haar zorgplicht heeft geschonden. Gemeenten die handhaven op functioneel daderschap moeten concreet aantonen dat de eigenaar wist of redelijkerwijs had moeten weten dat er zonder vergunning onzelfstandig werd verhuurd. Praktisch gevolg: dossier opbouwen vóór oplegging — denk aan correspondentie, betalingsbewijzen of eerdere constateringen, niet alleen de inspectieuitslag.
Vijf huurders zonder gezamenlijk huishouden rechtvaardigt dwangsom kamerverhuur
Eén inspectiebezoek is genoeg: wie vijf mensen huisvest zonder omzettingsvergunning, riskeert een afdwingbare last.
De Haagse Pandbrigade trof op één adres vijf bewoners aan die geen duurzaam gemeenschappelijk huishouden vormen. Dat is onzelfstandige bewoning waarvoor een omzettingsvergunning vereist is. Die ontbrak. Het college legde een last onder dwangsom op; de Raad van State liet die in stand. Praktisch: één bezoek waarbij inspecteurs het ontbreken van een gemeenschappelijk huishouden vaststellen, volstaat als feitelijke grondslag voor handhaving. Verhuurders die kamers verhuren aan meerdere huurders met elk een eigen huurcontract moeten een omzettingsvergunning hebben — het ontbreken daarvan maakt direct handhaven mogelijk zonder dat de gemeente verdere bewijslast hoeft op te bouwen.
Verhuurder Den Haag beboet voor overbewoning door acht individuen
Acht bewoners zonder gemeenschappelijk huishouden tellen als overbewoning; de verhuurder draagt de boete.
De Haagse Pandbrigade constateerde op 8 november 2021 dat acht personen in één woning woonden zonder duurzaam gemeenschappelijk huishouden te vormen. Het college legde de eigenaar-verhuurster een bestuurlijke boete van € 10.000 op wegens overbewoning. Bij de Raad van State draait de zaak om de vraag of die kwalificatie en de boetehoogte standhouden. Praktisch punt voor verhuurders van kamerverhuurpanden: de grens tussen 'individuele huurders' en een 'gemeenschappelijk huishouden' is het scharnierpunt voor handhaving. Hoeveel personen er wonen is minder doorslaggevend dan de vraag of zij feitelijk onafhankelijk van elkaar leven.
Bij besluit van 19 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roermond aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een aanbouw aan de woning op het perceel [
Bij besluit van 19 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roermond aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een aanbouw aan de woning op het percee...
Raad van State, 9 sep 2026 — ECLI:NL:RVS:2026:5315. Bij besluit van 19 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roermond aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een aanbouw aan de woning op het perceel [locatie 1] in Roermand. Bij besluit van 30 december 2020 heeft het college het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen aanwezige bebouwing en in uitvoering zijnde bouwactiviteiten op het perceel afgewezen. [appellant] woont aan de [locatie 2] in Roermond. Zij heeft het college op 7…
Sociale huurborging in anterieure overeenkomst telt mee bij heroverweging omgevingsvergunning
Een anterieure overeenkomst met sociale-huurafspraken moet je meenemen in de belangenafweging bij ex-nunc heroverweging.
De Raad van State beoordeelt de weigering van een omgevingsvergunning voor 10 sociale huurappartementen in Oegstgeest. Bij ex-nunc heroverweging in bezwaar moet het college niet alleen de planologische bezwaren wegen, maar ook de anterieure overeenkomst betrekken waarin de ontwikkelaar sociale-huurborging heeft vastgelegd. Die overeenkomst is een relevant belang in de besluitvorming. Voor woningbouwprojecten met sociale-huurafspraken betekent dit: leg contractuele verplichtingen expliciet in het dossier vast en zorg dat ze in de bezwaarprocedure aantoonbaar zijn meegewogen.
Gemeente mag mast woonschip niet beoordelen zonder deskundig onderzoek
Visuele beoordeling vanaf de kade is onvoldoende grondslag voor handhaving.
Een omwonende meldde zorgen over de mast van een woonschip in Groningen. Een gemeentelijke toezichthouder bekeek de mast vanaf de kade en het college legde op basis daarvan een last onder bestuursdwang op. De Raad van State oordeelt dat een visuele inspectie op afstand geen deugdelijke motivering oplevert voor de conclusie dat de mast een gevaar vormt. Voor handhaving op constructieve gebreken is een technisch deskundig onderzoek vereist. Praktisch gevolg: leg handhavingsbesluiten over constructieve veiligheid altijd op basis van een schriftelijk deskundigenrapport, niet op basis van een visuele waarneming door een generalist.
20 weken woningsluiting na hennepkwekerij houdt stand bij RvS
Wanneer is een woningsluiting van 20 weken proportioneel bij een hennepvondst?
De burgemeester van Kerkrade sloot een woning 20 weken na de vondst van een hennepkwekerij op 17 februari 2023. De eigenaar ging in beroep. De Raad van State bevestigde op 9 september 2026 het besluit. De uitspraak bevestigt dat een burgemeester bij de toepassing van artikel 13b Opiumwet kan volstaan met het volgen van eigen beleid, mits dat beleid proportioneel is en de concrete omstandigheden van het geval zijn meegewogen. Voor handhavingsteams is het aandachtspunt: documenteer bij woningsluitingen altijd de individuele afweging, ook als de beleidsregel de uitkomst al voorschrijft.
Één-huishoudenverbod houdt stand: EU-recht en tekortargument bieden geen uitweg
Gemeenten kunnen kamerverhuurverbod aan arbeidsmigranten handhaven; een tekort aan locaties is geen verweer.
Mployment exploiteerde een woning in Lisse als kamerverhuur voor arbeidsmigranten en kreeg een dwangsom wegens strijd met het één-huishoudenverbod. Bij de RvS werden vier verweren gevoerd: de Dienstenrichtlijn blokkeert het verbod, er is een tekort aan huisvestingslocaties, er is een gemeentelijk actieprogramma, en artikel 8 EVRM beschermt de bewoners. Uitkomst: het verbod valt onder de Dienstenrichtlijn maar is gerechtvaardigd. Een tekort aan geschikte locaties rechtvaardigt nooit het laten voortduren van een overtreding. Artikel 8 EVRM strandt op relativiteit: een exploitant kan zich niet beroepen op grondrechten van de bewoners. Praktisch: een goed gemotiveerd één-huishoudenverbod doorstaat een volledige EU-rechttoets.
Warmteoverdrachtsstation vergund ondanks strijdigheid met woonbestemming
Kan een buitenplanse afwijking worden verleend voor industriële energieinfrastructuur op een woonbestemming?
De Raad van State beoordeelt of het college van Schiedam terecht een omgevingsvergunning heeft verleend aan Eneco voor een warmteoverdrachtsstation met hulpwarmtecentrale op een perceel met woonbestemming. Het bestemmingsplan 'Kethel e.o.' staat dit gebruik niet toe, dus de vergunning berust op een buitenplanse afwijking. De uitspraak geeft richting aan hoe zwaar ruimtelijke onderbouwing en belangenafweging moeten wegen bij energieinfrastructuur die planologisch niet past maar maatschappelijk gewenst is. Relevant voor teams die omgevingsvergunningen behandelen waarbij warmtenetten of energietransitie-installaties botsen met bestaande bestemmingsplannen.
Bestemmingsplan 32 woningen Warten sneuvelt op brug en privacy
Brug en ontsluiting onderbouwd? Check dit vóór vaststelling bij kleine uitbreidingsplannen.
De Raad van State vernietigde het bestemmingsplan voor 32 woningen ten noordwesten van Warten (gemeente Leeuwarden). Kern van de zaak: een nieuwe loop- en fietsbrug verbindt het plangebied met een bestaand perceel, wat leidt tot aantasting van privacy en gebruik van dat perceel. De gemeente had onvoldoende onderbouwd waarom deze brug noodzakelijk was en hoe de belangen van de direct aangrenzende bewoners zijn gewogen. Voor teams die kleine uitbreidingsplannen begeleiden: zorg dat elke ontsluitingskeuze — ook voor langzaam verkeer — expliciet gemotiveerd is in de plantoelichting, inclusief alternatieven en effecten op aangrenzende percelen.
College mag invordering dwangsom weigeren bij alsnog gemelde bodemsanering
Bijzondere omstandigheid kan invorderingsbesluit dragen — maar bewijs moet op orde zijn.
Een derde-belanghebbende verzocht Maastricht verbeurde dwangsommen in te vorderen én handhavend op te treden op grond van de Wet bodembescherming. Het college weigerde beide. De RvS bevestigt dat afzien van invordering gerechtvaardigd kan zijn als bijzondere omstandigheden dat vergen — hier: de overtreder deed alsnog een Wbb-melding (art. 39 lid 4) en werkte mee aan het toezicht. Doorslaggevend is dat het college de toezichthoudersrapporten deugdelijk heeft beoordeeld en gemotiveerd waarom verdere handhaving niet meer proportioneel was. Geen nieuwe doctrine; wel een bevestiging dat het bewijs voor die bijzondere omstandigheid echt goed gedocumenteerd moet zijn voordat je een invorderingsverzoek afwijst.
Bestemmingsplan Ens hersteld na tussenuitspraak over woningen en gezondheidscentrum
Herstelbesluit na gebreken: check of de Afdeling het plan nu definitief goedkeurt of nieuwe gebreken ziet.
De Afdeling oordeelde in maart 2026 dat het bestemmingsplan 'Ens, Oost fase 2' gebreken vertoonde en droeg de gemeenteraad van Noordoostpolder op die binnen zestien weken te herstellen. Het plan maakt woningbouw en een gezondheidscentrum mogelijk op de hoek van de Drietorensweg en het Oostereind in Ens. In september 2026 deed de Afdeling einduitspraak over dat herstelbesluit. Voor planprocedures elders geldt: een tussenuitspraak is geen eindstation — het hersteltraject vereist een nieuw raadsbesluit met expliciete aandacht voor de door de Afdeling aangewezen gebreken, en de termijn van zestien weken is hard.
Chalet op camping telt niet als woning voor huurtoeslag
Verblijf in recreatieobject geeft geen recht op huurtoeslag, ook niet bij langdurige bewoning.
De Raad van State bevestigt dat een chalet op een camping geen 'woning' is in de zin van de Wet op de huurtoeslag. Doorslaggevend is de bestemming van het object, niet de feitelijke woonsituatie: recreatieverblijven vallen buiten de definitie van huurder in de Wht. Langdurige bewoning — hier al sinds 2015 — maakt dat niet anders. Voor teams die cliënten begeleiden met toeslagvraagstukken: check altijd de woonbestemming van het verblijfsobject voordat je een aanvraag indient. Een inschrijving in de BRP op een campingadres is onvoldoende grondslag voor huurtoeslag.
Acht landhuiswoningen op voormalig horecaperceel in Meppel toegestaan
Functieverandering van horeca naar wonen in het buitengebied: wat moet je onderbouwen?
De raad van Meppel stelde een bestemmingsplan vast dat de bouw van acht woningen in een landhuis mogelijk maakt op een perceel aan de Schiphorsterweg 25 in De Schiphorst. Het perceel had voorheen een horecabestemming. De Raad van State beoordeelde of de raad de omzetting naar woonbestemming voldoende heeft gemotiveerd. Relevant voor de praktijk: bij functieverandering in het buitengebied moet je de ruimtelijke aanvaardbaarheid expliciet onderbouwen — denk aan ladder duurzame verstedelijking, omgevingskwaliteit en de verhouding tot omliggende agrarische percelen. De uitspraak biedt aanknopingspunten voor vergelijkbare herbestemmingen waarbij een niet-woonfunctie plaatsmaakt voor wonen.
Gemeentelijke beleidsvisies kunnen horecavergunning blokkeren via aanwijzingsbesluit
Sectorale beleidsnota's tellen mee als toetsingskader — ook zonder concrete projecten.
De Raad van State bevestigt dat een gemeente via een aanwijzingsbesluit haar Duurzaamheidsvisie, Omgevingsvisie en Horecavisie kan laten doorwerken in de vvgb-procedure voor een omgevingsvergunning. Greenpoint vroeg vergunning voor een multifunctioneel tankstation met horecacomponent op bedrijvenpark Prisma in Bleiswijk. De gemeente weigerde de vereiste verklaring van geen bedenkingen mede op grond van sectorale beleidsnota's. De RvS oordeelt dat deze nota's als toetsingskader kwalificeren, ook als ze geen concrete projecten bevatten. Voor het team betekent dit: controleer bij vergelijkbare aanvragen welke gemeentelijke beleidsdocumenten via een aanwijzingsbesluit zijn gekoppeld aan de vvgb-procedure — die zijn juridisch afdwingbaar.
Gemeente mag WUR-advies volgen bij beoordeling 'normaal onderhoud' kapverbod
Ongedefinieerde planbegrippen in kapregels laten ruimte voor college — onderbouw afwijzing handhavingsverzoek met deskundigenadvies.
Staphorst wees een handhavingsverzoek af na het kappen van 76 bomen op een bosperceel zonder omgevingsvergunning. Het college baseerde zich op een WUR-advies dat de kap kwalificeerde als 'normaal onderhoud' in de zin van de planregels. De Raad van State bevestigde dat gemeenten bij ongedefinieerde planbegrippen zoals 'normaal onderhoud' uitlegvrijheid hebben, mits zij die uitleg onderbouwen met een deskundigenoordeel. Voor de handhavingspraktijk: zorg dat afwijzingen van kapverzoeken een inhoudelijk advies bevatten dat de planregelkwalificatie draagt. Zonder dat fundament is de afwijzing kwetsbaar.
Parkeeroverlast buurman weegt mee bij vergunning schoolgebouw naar appartementen
Controleer bij functiewijzigingsvergunningen of parkeerdruk op de direct aangrenzende buren is meegewogen.
De Raad van State beoordeelde een omgevingsvergunning van Den Haag voor de verbouwing van een voormalig schoolgebouw aan de Zeezwaluwstraat naar 16 appartementen. De directe buurman vreest parkeeroverlast door de toekomstige bewoners. De uitspraak maakt duidelijk wanneer parkeerdruk als gevolg van een functiewijziging een zelfstandige weigeringsgrond kan vormen, en welk gewicht toekomt aan de belangen van omwonenden bij de beoordeling van de in- en uitrit. Voor vergunningverleners en bezwaarmakers: leg bij woningsplitsingen en schoolgebouwconversies altijd expliciet vast hoe de parkeerbehoefte is berekend en of nabijgelegen bewoners daarin zijn betrokken.
Feest-aanduiding in bestemmingsplan sluit handhaving bij brasserie uit
Controleer bij elk handhavingsverzoek de functieaanduidingen: een feest-aanduiding kan feestorganisatie uitdrukkelijk toestaan naast de basisbestemming.
Het college van Tilburg weigerde handhavend op te treden tegen feestorganisatie in Brasserie Valentijn in Udenhout. De Raad van State bevestigt die weigering: de functieaanduiding 'feest...' in het bestemmingsplan Buitengebied De Zandleij 2012 maakt feesten organiseren een toegestaan gebruik naast de basisbestemming horeca categorie 2. Functieaanduidingen bepalen en preciseren wat binnen een bestemming is toegestaan — ook als de planregels dat niet met zoveel woorden uitschrijven. Bij handhavingsverzoeken tegen horecabedrijven geldt daarmee als vaste werkwijze: raadpleeg eerst de plankaart en de aanduidingentabel. Staat er een feest-aanduiding op het perceel en maakt de exploitant daar gebruik van, dan ontbreekt de grondslag voor handhaving.
Inpassingsplannen Maaslijn door Raad van State beoordeeld
Wat betekent deze uitspraak voor provinciale inpassingsplannen bij spoorinfrastructuur?
De Raad van State deed uitspraak over de twee inpassingsplannen waarmee Noord-Brabant en Limburg de Maaslijn willen opwaarderen: elektrificiëring en deels dubbelspoor tussen Nijmegen en Roermond. De uitspraak raakt aan de vraag hoe provinciale staten bij grensoverschrijdende spoorinfrastructuur hun planologische bevoegdheden coördineren en onderbouwen. Voor teams die werken aan provinciale inpassingsplannen voor infrastructuur: let op de motiveringsplicht bij gecombineerde milieueffecten en de afstemming tussen twee afzonderlijke planprocedures voor één project.
Uitbreiding brasserie geweigerd: eerste etage valt buiten bestaand horecagebied
Controleer bij uitbreidingsaanvragen of het bestemmingsplan het uitgebreide gebruik ook buiten het 'stamkavel' toestaat.
Het college van Gouda weigerde een omgevingsvergunning voor horecagebruik op de eerste etage van een pand waar op de begane grond al een brasserie zit. De Raad van State bevestigt die weigering: het bestemmingsplan laat horeca op die etage niet toe, en de uitzondering die appellante inroept geldt alleen voor het deel van het pand dat al vergund is voor horeca. De uitspraak bevestigt dat een bestaand horecabedrijf niet automatisch het recht heeft om andere bouwlagen mee te trekken in hetzelfde gebruik. Bij uitbreidingsaanvragen moet per bouwlaag worden getoetst of het plan dat gebruik zelfstandig toestaat.
Omgevingsvergunning veehouderij geweigerd wegens hondenfokkerij op zelfde locatie
Combinatie varkenshouderij en hondenfokkerij op één perceel stuit op planologische bezwaren.
De Raad van State bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning voor een gecombineerde varkenshouderij en hondenfokkerij in Best. Het college weigerde de vergunning mede omdat een hondenfokkerij niet past binnen het geldende bestemmingsplan ter plaatse. Voor praktijken die een gemengd agrarisch gebruik overwegen: controleer eerst of elk afzonderlijk gebruik planologisch is toegestaan. Een gecombineerde aanvraag dekt niet automatisch gebruiksvormen die los van elkaar al strijdig zijn met de bestemming.
Dertien patiowoningen in ommuurde kasteeltuin getoetst door RvS
Woningbouw in een rijksmonumentale tuin vraagt een expliciete, afzonderlijke motivering van alle betrokken erfgoedwaarden.
De Raad van State beoordeelde het bestemmingsplan waarmee Gemert-Bakel dertien patiowoningen mogelijk maakt in de ommuurde tuin van kasteel Gemert — een rijksmonument. Tegelijk was een omgevingsvergunning verleend voor restauratie van de tuinmuur, reconstructie van de kas en overige opstallen. De combinatie van woningbouw en monumentale context maakt dit tot een maatlatuitspraak: bij ruimtelijke plannen die ingrijpen in of direct grenzen aan een beschermd monument moeten erfgoedwaarden, historische tuinstructuur en visuele impact elk afzonderlijk worden gewogen. Een verwijzing naar de Monumentenwet of een erfgoedparagraaf volstaat niet — de motivering moet concreet en locatiespecifiek zijn.
Kwaliteitsverbetering elders dan de bouwlocatie is toegestaan bij herontwikkeling rijksmonument
Compensatie mag op een andere locatie landen — ook bij een rijksmonument.
De Raad van State keurt de herontwikkeling van kasteel Gemert goed. Daarbij was de kernvraag of de vereiste verbetering van omgevingskwaliteit (art. 3.78 Interim omgevingsverordening Noord-Brabant) ook buiten de ontwikkellocatie zelf mag plaatsvinden. Het antwoord is bevestigend: compensatie op een andere plek is aanvaardbaar, mits de anti-dubbeltelbepaling in acht wordt genomen — dezelfde kwaliteitsmaatregel mag niet twee keer worden opgevoerd. Dat was hier correct gedaan. Voor het team relevant bij projecten in Brabant waar initiatiefnemers kwaliteitswinst willen boeken via maatregelen elders in de omgeving; de uitspraak bevestigt die route, maar vraag altijd om een heldere vastlegging van welke maatregelen al zijn ingezet.
Gewijzigde uitgangspunten rechtvaardigen geen intrekking verbeurde dwangsom
Latere heroverweging van handhavingsbeslissing doorbreekt invorderingsplicht niet.
De gemeente Best trok een invorderingsbesluit in met een beroep op gewijzigde inzichten over de vergunningplicht voor het bedrijfsmatig houden en fokken van honden. De Raad van State houdt dat niet staande: aan invordering van verbeurde dwangsommen moet zwaar gewicht worden toegekend, en een latere heroverweging van de uitgangspunten is geen bijzondere omstandigheid die intrekking rechtvaardigt. Het college had bovendien onvoldoende gemotiveerd waarom de gewijzigde inzichten wél zo'n omstandigheid zouden vormen — strijd met artikel 3:46 Awb. Praktisch: zodra dwangsommen zijn verbeurd, is intrekking van een invorderingsbesluit alleen houdbaar bij echte nieuwe feiten, niet bij beleidsherziening achteraf.
Burgemeester int drie dwangsommen na schending muilkorfgebod gevaarlijke hond
Een politieprocesverbaal over één incident volstaat als grondslag voor een APV-muilkorfgebod — inclusief invordering bij overtreding.
De burgemeester van Boxtel legde op grond van artikel 2.4.14 APV een aanlijn- en muilkorfgebod op aan de eigenaar van een Kaukasische herder, nadat een politieprocesverbaal agressief gedrag van de hond documenteerde. Bij drie overtredingen van dat gebod werden dwangsommen van elk € 500 ingevorderd. De Raad van State deed op 9 september 2026 uitspraak over de rechtmatigheid van deze invordering. Aandachtspunt voor de praktijk: leg elk overtredingsmoment apart vast en zorg dat het politierapport als zelfstandig bewijsstuk in het dossier zit — elke overtreding draagt immers een eigen invorderingsbesluit.
Kostenverhaal bestuursdwang: gemeente moet rekening specificeren
Vage kostenopgave is onvoldoende — onderbouw elk post bij verhaal op overtreder.
De gemeente Bronckhorst verhaalde ruim €22.000 aan bestuursdwangkosten op een perceeleigenaar na verwijdering van zaken aan de Lindeseweg in Vorden. De Raad van State beoordeelde of dat kostenverhaal deugdelijk was onderbouwd. De uitspraak bevestigt dat een gemeente bij kostenverhaal inzichtelijk moet maken waaruit de kosten bestaan: uren, materieel, derden. Een globale eindfactuur volstaat niet. Voor teams die handhavingsdossiers begeleiden betekent dit: zorg dat de kostenspecificatie al bij de uitvoering wordt opgebouwd, niet achteraf gereconstrueerd.
Provinciale instemming met woonplan dekt ook locaties buiten bestaand stedelijk gebied
Provinciale instemming dekt ook woningbouw buiten BSG — leg bij nieuwe locaties vast dat het woonplan de locatie zelf dekt, niet alleen het aantal.
De Raad van State bevestigt dat provinciale instemming met een gemeentelijk woonplan ook geldt voor woningbouwlocaties buiten het bestaand stedelijk gebied. Waadhoeke mocht 71 woningen plannen op voormalige agrarische percelen bij St.-Annaparochie, omdat het provinciale woonakkoord die ruimte bood. Dit is geen nieuwe lijn, maar de uitspraak maakt duidelijk dat het bereik van zo'n instemming verder reikt dan de bebouwde kom. Voor projecten die grenzen aan BSG: leg in de planonderbouwing expliciet vast dat het provinciale woonplan de concrete locatie dekt — niet alleen het totale woningaantal. Dat maakt de ruimtelijke onderbouwing weerbaarder in beroep.
RvS vernietigt uitfaseringstermijn arbeidsmigrantenhuisvesting in paraplu-BP Urk
Gemeenten kunnen bestaande arbeidsmigrantenhuisvesting niet via een parapluplan binnen een jaar afbouwen.
De Raad van State vernietigt de planregel die bestaande arbeidsmigrantenhuisvesting in Urk binnen één jaar na realisatie van een alternatieve clusterlocatie moest beëindigen. Die termijn is in strijd met artikel 3.2.2 Bro: bestaand gebruik mag niet zo snel worden wegbestemd. Het gevolg voor andere gemeenten is direct: een paraplubestemmingsplan met kamerverhuur- en omzettingsverboden is als instrument toegestaan, maar een harde uitfaseringstermijn voor bestaande huisvestingslocaties van arbeidsmigranten houdt bij de rechter geen stand. Bouw afbouwregelingen dus met een realistisch overgangsrecht en check of de gekozen termijn in verhouding staat tot de omvang van de investering van de eigenaar.
Drie woningen op één woonark past binnen de woonboot-definitie
De woonboot-definitie sluit meerdere zelfstandige woningen per ark niet uit — maar controleer altijd de lokale planbegrippen.
Amsterdam verleende een omgevingsvergunning voor vervanging van een woonark door een nieuwe ark met drie zelfstandige woningen. De Raad van State bevestigt dat de begripsbepaling 'woonboot' in dit Amsterdamse bestemmingsplan meerdere zelfstandige woningen per ark niet uitsluit. Het oordeel is sterk plan-specifiek: het hangt aan de exacte definitie in dit bestemmingsplan en is niet automatisch overdraagbaar naar andere gemeenten of plannen. Controleer bij verzoeken voor woningtoevoeging op water altijd de lokale begripsbepaling voordat je concludeert of meerdere wooneenheden per ark planologisch past. Doctrinair vernieuwend is de uitspraak niet.
B&B vergund ondanks parkeer- en bestemmingsdiscussie in Ohé en Laak
Wanneer is een B&B planologisch aanvaardbaar en welke parkeernorm geldt?
De Raad van State beoordeelde een omgevingsvergunning voor een B&B met drie slaapkamers en vijf parkeerplaatsen op eigen terrein in Ohé en Laak. Centraal stond of de B&B paste binnen het bestemmingsplan en of het college de parkeernorm correct had toegepast. De uitspraak verduidelijkt hoe colleges bij kleinschalige recreatieve functies de parkeereis mogen berekenen en wanneer een B&B planologisch inpasbaar is binnen een woonbestemming. Relevant voor teams die vergelijkbare kleinschalige horeca- of recreatieverzoeken beoordelen: controleer altijd of het bestemmingsplan expliciet ruimte biedt voor nevenactiviteiten en of de parkeernorm op eigen terrein afdoende is onderbouwd.
Boete gematigd omdat rapport 37-wekentermijn overschreed
Controleer altijd of het rapport tijdig is verzonden — overschrijding levert 10% matiging op.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven matigt een bestuurlijke boete voor het vervoeren van een ongeschikt varken, omdat de toezichthouder het rapport van bevindingen niet binnen 37 weken na constatering aan de overtreder had gezonden. Die vaste gedragslijn staat los van de vraag of de overtreding zelf is komen vast te staan — de overige gronden faalden. Praktisch: bij elke boeteprocedure is de verzenddatum van het rapport een zelfstandig matigingsargument. Zit er meer dan 37 weken tussen aanzegging en toezending, dan is 10% korting vaste lijn bij het CBb.
Geen procesbelang meer als handhavingsbevoegdheid is vervallen
Controleer bij oude handhavingsverzoeken of de bevoegdheidsgrondslag nog bestaat voordat je doorprocedeert.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven verklaart het beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang. De verzoeken stammen uit 2020 en gingen over dieren met hittestress in weilanden zonder beschutting. Tegen de tijd dat het College uitspraak doet, bestaat de handhavingsbevoegdheid van de staatssecretaris niet meer. Een gegrond beroep zou dus niets opleveren: handhavend optreden is sowieso niet meer mogelijk. Praktisch punt: bij langlopende handhavingszaken — zeker als de regelgeving of bevoegdheidsverdeling tussendoor wijzigt — moet je tijdig toetsen of het procesbelang nog intact is. Zo niet, dan slokt de procedure tijd op zonder enig resultaat.
Zwembad Asten mag weg: last tot volledige verwijdering is evenredig
Gewijzigde last is geen verslechtering — rechtbank laat volledige verwijdering in stand.
Een eigenaar in Asten had een verdiept zwembad aangelegd zonder omgevingsvergunning. De gemeente legde een last onder dwangsom op tot volledige verwijdering. In bezwaar werd de last gewijzigd, waarop de eigenaar betoogde dat dit reformatio in peius opleverde — een verslechtering van zijn positie. De rechtbank verwierp dat beroep. Ook het evenredigheidsargument — dat volledige verwijdering te ver gaat — slaagt niet. De rechtbank acht de last proportioneel. Praktisch: een gewijzigde last in bezwaar levert niet automatisch een verslechtering op; controleer steeds of de wijziging de materiële positie van de overtreder daadwerkelijk verzwaart.